Bijdrage Voed­sel­visie


Zet in op groene eiwit­tran­sitie en afbouw vee-industrie!

1 februari 2021

Voorzitter,

De Voedselvisie is wellicht is het belangrijkste stuk van onze generatie. We hebben samen met ondernemers die de groene transitie willen maken en wetenschappers al begin 2020 input geleverd voor dit stuk en we zij blij dat enkele belangrijke punten zijn verwerkt. Zoals de noodzaak voor de transitie naar meer plantaardige en minder dierlijke eiwitten en de erkenning dat plantaardig duurzamer is en natuurlijk écht diervriendelijk.

Tegelijkertijd zijn er enkele belangrijke punten die missen en die willen we aanvullen.

Te beginnen met de intensieve veehouderij.

“Het besluit dat de provincie gaat maken wordt niet alleen voor hun eigen generatie gemaakt. De generaties na hun zullen de gevolgen nog harder voelen. Dus kies voor de jongeren en geef ons een toekomst. Kies voor een krimp van de intensieve veehouderij.”

Dat was de historische oproep van jongeren bij de bespreking van de Voedselvisie afgelopen maand. Deze oproep werd gedeeld door o.a. Caring Farmers en later in een brief naar Statenleden en GS bekrachtigd door o.a. Politieke Jongeren Organisaties Jonge Democraten, ROOD, DWARS en PINK.

De wetenschappelijke roep om een stip op de horizon te zetten en een pad in te slaan weg van de intensieve veehouderij, is inmiddels bijna oorverdovend. Draagvlak onder burgers voor de industrie is er ook niet.

De commissie-Wijffels zei in 2001 al dat de intensieve veehouderij in Nederland geen toekomst heeft en geleid heeft tot amorele verschijnselen. Ook oud CDA-minister Cees Veerman zei het in 2007 al: het intensieve systeem is vastgelopen. Grondgebonden boeren, daar ligt de oplossing.

We weten dus al lang wat we moeten doen. Maar al die tijd was het wachten op een bestuurder die de moed had om verantwoordelijkheid te nemen en te zeggen: zo kan het niet langer. Nu is het moment.

In 2017 was hier een landelijk debat over. Meeste fracties spraken toen wel uit intensieve veehouderij ongewenst te vinden. Opvallend is dat VVD vooral verwees naar provincies en de mogelijkheid om die eventueel sturingsmogelijkheden te geven. Nou, hier is een kans voor de provincie om de handschoen op te pakken. Straks met Omgevingswet krijgen we meer mogelijkheden, maar ook nu kunnen we stimuleren en lobbyen. En vooral die stip op de horizon zetten, om duidelijkheid te geven aan burgers en boeren waar we heen willen.

Moedige gemeenten zoals Apeldoorn nemen die verantwoordelijkheid aan en hebben per motie uitgesproken zich in te zetten voor extensivering en weg van de intensieve veehouderij. Dus GS, zet die stip op de horizon door ons amendement over te nemen en: even Apeldoorn bellen.

Wij dienen daarom samen met GL, DENK het amendement
“Extensivering” in:

besluiten om besluit 1 van het ontwerpbesluit als volgt te wijzigen:

1. De Voedselvisie 2020-2030 vast te stellen, met inachtneming van de volgende wijzigingen:

  • Onder Hoofdstuk 5 (p. 19) de volgende zin:

    “de grondgebonden landbouw natuurinclusief.”

    te wijzigen in:

    de grondgebonden landbouw natuurinclusief. We werken met andere overheden aan een vergaande extensivering van de intensieve veehouderij tegen 2030. Daarnaast stimuleren we dat de niet-grondgebonden veehouderij duurzamer en diervriendelijker wordt.”


Voorzitter,

Een van de makkelijkste manieren waarmee de provincie de goede kant op te stimuleren is door zelf het goede voorbeeld te geven. Onze voedselkeuze wordt in sterke mate bepaald door de sociale norm. De norm is nu: dierlijke producten, tenzij. Het concept "Carnivoor? Geef het door!" van professor, gedragseconoom en voormalig D66-senator Henriëtte Prast[1] draait die norm om: plantaardige producten serveren, tenzij. Het concept wordt o.a. wordt gehanteerd door het ministerie van OCW en verschillende gemeenten (in Delft diende CDA deze motie mee in). Het mooie is dat volledige keuzevrijheid blijft, maar slechts de norm – in lijn met de ambities van Voedselvisie - wordt omgedraaid.


Daarom dienen wij de motie “Carnivoor? Geef het Door!” in, met het volgende dictum:

verzoeken het College van GS:


- standaard plantaardige gerechten te serveren in het provinciehuis en tijdens door de provincie georganiseerde bijeenkomsten, behalve voor personen die van tevoren andere eetwensen hebben opgegeven;

en gaan over tot de orde van de dag.


Voorzitter,

Dan over huidige ambities rond natuurinclusieve landbouw. We streven naar minstens niveau 2, volgens de 3 niveaus van Louis Bolk, zei GS. Louis Bolk en WUR hebben geschetst dat we binnen 10 jaar ook niveau 3 kunnen halen. Precies het termijn van de Voedselvisie. Niveau 2 is weliswaar een verbetering, maar daarbij is geen sprake van een systeemverandering in de landbouw. Het is nog steeds het ‘controlerende model ‘ in plaats van het ‘adaptieve model’ van niveau 3, waarbij mét de natuur wordt gewerkt in plaats van tegen.


Laten we dan in ieder geval in bufferzones rond natuurgebieden streven naar niveau 3.

Wij dienen daarom het amendement “Hoogste niveau natuurinclusieve landbouw rondom natuurgebieden” in:

besluiten om besluit 1 van het ontwerpbesluit als volgt te wijzigen:

  1. De Voedselvisie 2020-2030 vast te stellen, met inachtneming van de volgende wijziging:
  • onder hoofdstuk 5 “Resultaten” (blz. 19) na de zin:

  • “de grondgebonden landbouw natuurinclusief.”

de volgende zin toe te voegen:

  • “Daarbij streeft de provincie naar het realiseren van Niveau 3 van natuurinclusieve landbouw (volgens Louis Bolk Instituut en WUR) in ieder geval in bufferzones rondom natuurgebieden.” [2]


Voorzitter,

Daarnaast nog iets over ruimtelijk perspectief van deze Voedselvisie. Die is uitsluitend gericht op creëren van ruimte voor voedselproductie. Maar de landbouw neemt al 60% van ons grond in, waarvan bijna 60% weer puur om dieren uit veehouderij te voeden. We moeten slimmer nadenken over efficiënter gebruik van onze voedselruimte[3], zeker ook omdat landbouw en voedselproductie direct raken aan de leefruimte en de belangen van wilde dieren.[4] Wilde dieren hebben steeds minder ruimte om zich veilig (zonder door de mens gedood te worden) te verplaatsen, te eten, etc. De provincie heeft via de Voedselvisie dus veel impact op de leefruimte van wilde dieren. Dan getuigt het van goed bestuur om hun belangen ook expliciet mee te nemen in het ruimtelijke perspectief van de Voedselvisie.


Wij dienen daarom het amendement “Ruimtelijk perspectief aanvullen” in:

besluiten om besluit 1 van het ontwerpbesluit als volgt te wijzigen:

1. De Voedselvisie 2020-2030 vast te stellen, met inachtneming van de volgende wijzigingen:

  • - Onder 3. Doelen van de Voedselvisie (p. 8) na de zin:

    Ruimte: Er is voldoende ruimte voor voedselproductie in een toekomstbestendig landschap.

    toe te voegen:


Daarbij wordt ook rekening gehouden met de belangen van wilde dieren en hun recht op leefruimte.”


Voorzitter,

We zijn wel blij dat dierenwelzijn nu meerdere malen wordt genoemd. Een belangrijk onderdeel van deze Voedselvisie is de kringlooplandbouw. In potentie veelbelovend, maar helaas is niet elke vorm goed voor dieren. Sinds 2002 hebben verschillende kabinetten beloofd dat uiterlijk in 2022, dus volgend jaar, het perspectief en de behoeftes van dieren leidend zouden zijn in de veehouderij. Landelijk is een motie aangenomen om dat ook te verwerken in de kringlooplandbouw. Als we dierenwelzijn serieus nemen, moeten we daarom ook in eigen beleid kijken naar diervriendelijkste opties voor sluiting kringlopen.


Wij dienen daarom het amendement “Diervriendelijkste opties sluiting kringlopen” in

besluiten om besluit 1 van het ontwerpbesluit als volgt te wijzigen:

1. De Voedselvisie 2020-2030 vast te stellen, met inachtneming van de volgende wijzigingen:

  • - Onder Overige definities (p. 29) na de zin:

    Het efficiënt produceren van voedsel in kringlopen, zodat schade aan het ecosysteem (water, bodem, lucht) voorkomen en hersteld wordt. Kringlopen van grondstoffen en hulpbronnen zijn op een zo laag mogelijk –lokaal, nationaal of internationaal – schaalniveau gesloten.

    toe te voegen:

    Daarbij wordt rekening gehouden met dierenwelzijn.”



Dat brengt ons meteen bij een grote omissie in deze Voedselvisie. De Voedselvisie stelt het zelf: Nederland is een van de grootste visproducenten van Europa. Wetenschappers slaan ondertussen alarm over de schadelijke impact van de visserij.[5] Toch doet deze Voedselvisie niets met de visserijsector, de impact ervan op het milieu en natuur en het welzijn van vissen, en betrekt vissen alleen in het kader van mogelijk sluiten van kringlopen. Dit amendement corrigeert die omissie.

Er is geen enkele reden om wel ambities in de Voedselvisie te stellen die betrekking hebben op agrariërs en landbouwdieren, maar niet op vissers en vissen. Deze integrale aanpak is waar PS ook steeds om vraagt.

Daarom dienen we het Amendement “Visserij betrekken bij Voedselvisie” in met de tekst:

1. De Voedselvisie 2020-2030 vast te stellen, met inachtneming van de volgende wijzigingen:

  • - Onder hoofdstuk 3. Doelen van de Voedselvisie (p. 8) na de zin:

    Ecologie: De grondgebonden agrarische bedrijfsvoering draagt bij aan ecosysteemdiensten, klimaatadaptie en het reduceren van emissies, (bodem-) biodiversiteit en dierenwelzijn.”

    toe te voegen:

    Daarnaast is er aandacht voor vissenwelzijn en het voorkomen van de schadelijke effecten van de visserij.”

  • - Onder hoofdstuk 7. Criteria (p.22) na de zin:

    Ecologie: De grondgebonden agrarische bedrijfsvoering draagt bij aan ecosysteemdiensten, klimaatadaptie en het reduceren van emissies, (bodem-) biodiversiteit en dierenwelzijn;”

    toe te voegen:

    “Daarnaast is er aandacht voor vissenwelzijn en het voorkomen van de schadelijke effecten van de visserij.”

Voorzitter,

Het gekke is dat de provincie niets over visserij en vissen in de Voedselvisie wil zeggen, maar wel opeens capaciteit reserveert voor een onderzoek naar zogenaamde reststromen uit de visserij voor sluiting van kringlopen. Het is niet de bedoeling dat we een systeem opbouwen waarin we afhankelijk worden van het in stand houden van massaal doden van dieren en suboptimale dierenwelzijn (lock in effect).[6] Uitgangspunt zou moeten zijn dat we kringlopen willen sluiten met de best mogelijke resultaat voor dierenwelzijn en milieu. Het aangekondigde onderzoek draagt daar niet aan bij.


Daarom het volgende amendement, “Onderzoek naar reststromen uit de Visserij schrappen”

1. De Voedselvisie 2020-2030 vast te stellen, met inachtneming van de volgende wijzigingen:

  • - Onder 4.1 Agrarische sector (p. 9)

    de volgende zin te schrappen:


onderzoek in hoeverre (rest)stromen uit de Visserij kunnen worden ingezet in het sluiten van kringlopen;


Voorzitter,

We moeten tempo maken en stip op de horizon zetten. Maar de ondernemers en boeren hebben onze steun nodig. We hebben veel ondernemers gesproken die transitie willen maken of al bezig bij. Bij de vraag wat de provincie voor ze zou kunnen doen is vaak het antwoord: stel een soort Transitiecoach in, een laagdrempelig steunpunt waar de ondernemers en boeren terecht kunnen voor advies over subsidies, over mogelijkheden ook in het kader van andere ambities van provincie. Iemand die ze ook kan verbinden met het bredere voedselnetwerk. Waarbij de naam van de provincie natuurlijk een belangrijke steun in de rug is.

Daarom de volgende motie.

Motie 2 - Transitiecoach ter ondersteuning groene ondernemers

verzoeken het College van Gedeputeerde Staten:

  • om bij de uitwerking van de Voedselvisie 2020-2030 ook de mogelijkheid voor de aanstelling van een transitiecoach voor het versnellen en ondersteunen van de groene eiwittransitie en de natuurinclusieve landbouw te onderzoeken;
  • dat voor de behandeling van de Uitvoeringsagenda Voedselvisie aan PS/commissie voor te leggen;

en gaan over tot de orde van de dag.


Ten slotte,

We zijn blij dat de provincie pleit voor transparantie en communicatie over ook de negatieve impact van onze landbouw op onze omgeving en dieren. Uit alle onderzoeken blijkt namelijk dat consumenten pas bereid zijn meer te betelen voor een product, als duidelijker wordt gemaakt niet alleen welke producten goed zijn, maar ook welke producten slecht voor milieu en dierenwelzijn.


Er zit een enorm gat tussen wat mensen wordt voorgespiegeld en de dagelijkse realiteit voor de dieren. De pijnlijke dingen worden weggehouden

Zoals het feit dat deze lieve stiertjes, baby’s nog, meteen van hun moeder worden weggehaald en zo snel mogelijk worden vetgemest en gedood. Foto heb ik nog zelf gemaakt bij een Noord-Hollandse melkveehouderij.

Of onze 10 miljoen vleeskippen die het met 1 A4 aan leefruimte moeten doen. Of geitenhouders, waar het net ook even over ging. Weinig mensen weten dat ongeveer 95% van de geiten worden onthoornd met een hete ijzeren bout, met kans op ernstige schade . “Voor hun eigen veiligheid” zegt de sector. Nee. Het is puur voor economisch gewin, om veel geiten bij elkaar te kunnen houden. Puur voor een extra smaakje kaas of melk. Zorg dat dat duidelijk is. Dan pas kunnen mensen eerlijk kiezen.

Dank u wel.




[1]

[2] https://www.louisbolk.org/downloads/3260.pdf

[3] De oppervlakte aan grasland en voedergewassen voor dieren is in Noord-Holland ruim 75.000 hectare. Dat is 28% (!) van het grondoppervlak van de provincie. 75.000 hectare is een aanzienlijke oppervlakte t.o.v. bijv. de ongeveer 3.000 hectare NNN die GS deze collegeperiode voor de natuur probeert te realiseren..

[4] https://nieuwscheckers.nl/nieu... + beantwoording technische vragen bij de Voedselvisie.

[5] https://www.groene.nl/artikel/...; https://news.stanford.edu/news...

[6] https://www.natuurenmilieu.nl/...