Succes: Partij voor de Dieren maakt Voed­sel­visie Noord-Holland plant­aar­diger en dier­vrien­de­lijker!


16 februari 2021

Dankzij de inzet van de Partij voor de Dieren is de Voedselvisie – een plan voor de toekomst van het voedsel- en landbouwbeleid van Noord-Holland – gericht op natuurinclusieve landbouw, meer plantaardig voedsel, dierenwelzijn én transparantie. Dat is het resultaat van een jaar lang werk achter de schermen van de Noord-Hollandse fractie van de PvdD, samen met o.a. wetenschappers, jongeren en groene boeren en ondernemers. De Voedselvisie 2020-2030 werd begin deze maand vastgesteld. Een voorstel om expliciet te benoemen dat de provincie de intensieve veehouderij wil afbouwen haalde het – ondanks de oproep van jongerenorganisaties PINK!, Jonge Democraten, ROOD en DWARS! – net niet. Statenlid Ines Kostic: “We hebben een flinke positieve stempel weten te drukken op het toekomstige voedselbeleid van de provincie. Andere partijen hebben alleen nog het lef niet om daad bij woord te voegen en te stemmen voor de afbouw van de intensieve veehouderij. Maar we zijn er bijna.”

Trailer van het voedselsymposium “Food for Thought” van maart 2020, bedoeld om het voedselbeleid van Noord-Holland groener en diervriendelijker te maken

Op 1 februari is de Voedselvisie van Noord-Holland vastgesteld. De fractie van de Partij voor de Dieren Noord-Holland heeft er een jaar lang achter de schermen alles aan gedaan om deze visie zo duurzaam, sociaal en diervriendelijk mogelijk te maken. In maart 2020 organiseerde de fractie bijvoorbeeld een succesvol voedselsymposium, met topwetenschappers van o.a. Oxford Universiteit en groene ondernemers die zich willen inzetten voor meer plantaardige en duurzame landbouw, maar dwars worden gezeten door de fouten in het huidige systeem.

Op basis daarvan schreef de PvdD-fractie een eigen Voedselvisie en overhandigde Statenlid Ines Kostic het in mei 2020 ter inspiratie aan het bestuur van provincie Noord-Holland. Een deel van die voorstellen is nu overgenomen in de provinciale Voedselvisie.

Statenlid Kostic: “Onze versie van de Voedselvisie van mei 2020 was natuurlijk veel sterker, met o.a. de afbouw van de intensieve veehouderij en het idee voor een Transitiefonds om boeren te helpen overschakelen naar natuurinclusieve landbouw en teelt van plantaardige eiwitten. Maar de provincie heeft wel een flink aantal van onze voorstellen in haar eigen Voedselvisie overgenomen. Zo erkent de provincie dat plantaardig eten altijd beter is voor de leefomgeving dan dierlijke producten, wil ze de transitie naar meer plantaardig stimuleren en staat er een doel om meer lokaal gerichte en natuur- en diervriendelijke landbouw te bereiken in 2030. Per saldo levert deze omslag naar ecologische landbouw de maatschappij geld op én een mooi landschap, meer natuur, schoon water, gezond voedsel uit de regio, minder dierenleed en een oplossing van het stikstofprobleem. Zonder de jarenlange inzet van de Partij voor de Dieren was deze stap nu niet gezet.”

Winst voor natuur, milieu en gezondheid van mens en dier

De provincie een flink aantal punten van de Partij voor de Dieren overgenomen, maar dit zijn de 9 belangrijkste:

1. Bescherming van dierenwelzijn is een belangrijk punt in de provinciale Voedselvisie. Zo wil de provincie inzetten op kringlooplandbouw, maar hebben wij erop gewezen dat niet alle vormen van kringlooplandbouw even goed zijn voor dierenwelzijn. De definitie van kringlooplandbouw is nu zo aangepast dat er rekening wordt gehouden met dierenwelzijn.

2. Noord-Holland erkent dat plantaardige eiwitten duurzamer zijn dan dierlijke eiwitten en zet in op projecten die de transitie naar meer plantaardig voedsel stimuleren. Dat is natuurlijk de beste keuze voor het welzijn van mensen en dieren en voor een gezonde omgeving. Zo kan de provincie de overgang naar plantaardige eiwitgewassen als de veldboon, soja en lupine stimuleren. Dit levert bloemrijke akkers op en mooie omgeving voor weidevogels als de gele kwikstaart. Daarvoor sluit de provincie zich waarschijnlijk aan bij The Protein Cluster, een samenwerkingsverband waarbij verschillende provincies aangesloten zijn en waarin alle schakels van de keten actief samenwerken op het gebied van plantaardige eiwitten, om samen vlees vervangende producten te ontwikkelen, produceren of vermarkten.

3. De provincie heeft nu als doel om alle grondgebonden landbouw natuurinclusief te maken in uiterlijk 2030. Dat is goed voor (wilde) dieren, insecten, bodem en uiteindelijk ook onze eigen gezondheid. Officieel zijn er drie niveaus van natuurinclusieve landbouw: een is het laagst en drie het hoogst. Dankzij de inzet van de Partij voor de Dieren streeft de provincie naar het hoogste niveau, maar minstens niveau twee. Er zal worden gekeken om in ieder geval rondom natuurgebieden zo snel mogelijk niveau drie te bereiken.

4. De provincie zet via bijvoorbeeld eigen pachtbeleid in op biologische gewasbescherming in plaats van schadelijk landbouwgif. Dit is beter voor de kwaliteit van bodem en water en de gezondheid van mensen, dieren en natuur.

5. De provincie stimuleert en faciliteert zoveel mogelijk korte ketens: meer bewust, duurzaam en vers eten van minder ver weg (zoals regionale seizoensproducten), uit een voedselketen waarin er tussen producent en consument zo min mogelijk partijen zoals verwerkers, handelshuizen en tussenhandelaren zijn.

6. Voorlichting en transparantie over de effecten van de productie van voedsel op de omgeving maakt ook een belangrijk onderdeel uit van de provinciale Voedselvisie. Op het niveau van de Europese Unie wordt straks door de provincie ook gelobbyd voor duidelijke etikettering.

Statenlid Kostic vindt dat een belangrijke stap: “Burgers worden nu veel te vaak misleid door eenzijdige of verkeerde informatie. Er zijn maar weinig burgers die bijvoorbeeld weten dat er voor hun koemelk stiertjes worden weggehaald bij hun moeder en zo snel mogelijk dood moeten, omdat ze niet uitgemolken kunnen worden door de melkindustrie. Ook weten mensen niet dat het produceren van vlees veel meer land, water en milieuschade kost dan het produceren van plantaardige producten. Alleen als we daar eerlijk over zijn in communicatie en voorlichting, kunnen mensen écht een eigen weloverwogen keuze maken.”

7. De provincie gaat op nationaal en Europees niveau lobbyen voor ‘true pricing’ en dus eerlijke prijzen voor ons voedsel. Een eerlijke prijs is een prijs voor een product waarbij de geleverde inspanningen van elke schakel in de keten voldoende beloond worden, de consument niet meer betaalt dan nodig en er geen kosten afgewenteld worden op de maatschappij.

8. Er komt onafhankelijke advisering en coaching voor de agrarische sector op het gebied van duurzame landbouw. Daarnaast wordt ook onderzocht of een “transitiecoach” kan worden ingesteld, om als steunpunt te dienen voor groene boeren en ondernemers die aan de slag willen met natuurinclusieve en meer plantaardige landbouw. Dat is ook waar groene boeren expliciet om vroegen tijdens het voedselsymposium van de PvdD vorig jaar.

9. De catering in het bedrijfsrestaurant van de provincie wordt duurzaam aanbesteed. Helaas was er nog onvoldoende steun voor get PvdD “Carnivoor? Geef het door!” voorstel, waarin de norm in de catering word omgekeerd: standaard plantaardig serveren bij alle evenementen van de provincie, tenzij een gast expliciet aangeeft iets anders te willen. Door gebrek aan steun is het voorstel ingetrokken, maar komende periode gaat de PvdD fractie zich nog achter de schermen inspannen om voldoende steun voor het voorstel te winnen.

Macht van de Intensieve veehouderij wankelt

Je moet eerst cookies accepteren voordat je deze video kunt bekijken

Video: Jongeren spreken in tijdens de bespreking van van de Voedselvisie in de commissievergadering van Provincie Noord-Holland

Hoewel de Statenfractie van de Partij voor de Dieren al vroeg veel goede punten in de provinciale Voedselvisie wist in te brengen, bleef één belangrijk punt over: de uitfasering van de intensieve veehouderij. De fractie diende een amendement om dat te bereiken. Voorafgaande aan de stemming spraken Caring Farmers, Caring Vets en vele jongeren in en riepen de provincie op om te kiezen voor ene krimp van de intensieve veehouderij

Statenlid Kostic: “Het is jammer dat nog steeds een meerderheid van de partijen het lef nog niet heeft om ook actie te ondernemen tegen de intensieve veehouderij. Maar we hebben een groot deel van de partijen wel zover gekregen dat ze erkennen dat de intensieve veehouderij ongewenst is en schadelijk is voor mens en dier. De wetenschappelijke en maatschappelijk roep om een stip op de horizon te zetten en een pad in te slaan weg van de intensieve veehouderij, is inmiddels oorverdovend. We weten al lang wat we moeten doen. Maar het is wachten op bestuurders die de moed hebben om verantwoordelijkheid te nemen en te zeggen: zo kan het niet langer. We zijn er bijna. De komende tijd gaan we er alles aan doen om de meerderheid in de provincie over de streep te trekken.”