Verplaatsen hockey­velden grenzend aan Natura-2000 gebied Polder Westzaan in afwijking van bestem­mingsplan


Indiendatum: 16 nov. 2020

Inleiding

Hockeyvereniging De Kraaijen in Zaanstad wil verhuizen naar het Fortuinveld, een tot bijzondere natuur verworden terrein. Het Fortuinveld ligt direct aan het Westzijderveld, wat deel uitmaakt van Natura-2000 gebied Polder Westzaan.

Eerder heeft de provincie een Wet natuurbeschermingvergunning afgegeven voor deze nieuw beoogde locatie. Deze vergunning is op 20 juni 2018 onherroepelijk geworden. Gedeputeerde Staten had aan die vergunning de voorwaarde verbonden dat het hockeycomplex (drie velden en een clubhuis) binnen twee jaar na het onherroepelijk worden van de vergunning gerealiseerd moest zijn.[1] Nu is er nog geen schep in de grond gezet en is deze periode al ruimschoots voorbij.

In september 2019 is bovendien het bestemmingsplan “Sportpark Het Fortuin” door de Raad van State vernietigd, omdat deze was gebaseerd op de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS) en de Raad van State heeft geoordeeld dat deze programmatische aanpak in strijd is met Europese en nationale regelgeving.

De gemeente zal een nieuw bestemmingsplan moeten opstellen dat wat betreft stikstof uitvoerbaar is. Zij antwoordt op raadsvragen van de SP “dat het opnieuw vaststellen van het bestemmingsplan op het probleem stuit dat de beoogde ontwikkeling zorgt voor een toename van de stikstofdepositie op voor stikstofgevoelige habitats in Natura 2000-gebieden. Een nieuw plan kan dus niet eenvoudig worden vastgesteld.

Als alternatieve route wil de gemeente de beoogde verhuizing van de hockeyclub planologisch mogelijk maken met de ‘omgevingsvergunning buitenplanse afwijking’ (art. 2.12 lid 1, sub a onder 3o Wabo), het vroegere projectbesluit, waarmee kan worden afgeweken van het bestemmingsplan. De gemeente stelt dan geen nieuw bestemmingsplan met een nieuwe stikstofberekening op, maar verleent een omgevingsvergunning voor het bouwen van een clubhuis en de aanleg van sportvelden in afwijking van het bestemmingsplan. Wat betreft de verplichte natuurtoets maakt het college gebruik van de Wet natuurbeschermingsvergunning, waarbij het college weet dat er sprake is van een toename van stikstofdepositie op Natura-2000 gebieden en dat de vergunning is verleend op grond van een systematiek die in strijd met Europese en nationale regelgeving is geoordeeld.[2]

Vragen

  1. Wat vindt GS ervan dat het college van B&W van Zaanstad ook bij de ‘Wabo-strijdige route’ willens en wetens gebruik wil blijven maken van de PAS? Een bestemmingsplan/omgevingsvergunning kan volgens jurisprudentie immers niet gebaseerd zijn op een toestemmingsverlening onder het PAS.
  2. Kan met de ‘Omgevingsvergunning buitenplanse afwijking’ (art. 2.12, lid 1, sub a onder 3, Wabo), die Zaanstad wil gebruiken, gebruik worden gemaakt van de Stiksoft externe salderingsregels? Zo ja, betekent dit dat hiervoor stikstofruimte van bijvoorbeeld agrarische ontwikkeling gebruikt kan worden? Zo nee, gaat gebruikte stikstofruimte af van stikstofruimte die gebruikt kan worden voor woningbouw?
  3. Welke reden had Gedeputeerde Staten om een tijdlimiet van twee jaar op te nemen in de Wet natuurbeschermingsvergunning voor het nieuwe complex?
  4. Nu deze twee jaar verstreken zijn, is GS voornemens om de niet gebruikte vergunning in te trekken?
  5. Heeft de provincie zicht op hoe vaak en voor welke ruimtelijke ontwikkelingen gemeenten de route van ‘buitenplans afwijken’ gebruiken? Hoe houdt GS hier, vanuit precedentwerking, toezicht op?


[1] https://zaanstad.raadsinformatie.nl/document/9361464/1/Memo%20wethouder%20G_%20Slegers%20en%20W_%20Breunesse_Wnb-vergunning%20sportcomplex%20De%20Kraaien

[2] https://zaanstad.raadsinformatie.nl/document/9361464/1/Memo%20wethouder%20G_%20Slegers%20en%20W_%20Breunesse_Wnb-vergunning%20sportcomplex%20De%20Kraaien