Bijdrage Besluit vervolg project Duin­pol­derweg


25 mei 2020

Voorzitter, ik zal omwille van de tijd niet uitvoerig herhalen wat ik in de commissie gezegd heb.

Nee, vandaag wil ik me richten op twee zaken die ik heb geconstateerd tijdens de commissievergadering.

Wat mij ten eerste verbaasde was het algemeen gedeelde enthousiasme over de verbreding van de Nieuwe Bennebroekerweg. Als partijen die zichzelf doorgaans als groen en duurzaam profileren opeens de loftrompet af gaan steken over de verbreding van een weg, doet mij dat de wenkbrauwen toch wel enigszins fronzen.

Want laten we eerlijk zijn. De luchtkwaliteit in de Noordelijke Randstad is een van de slechtste in de EU. Volgens de Atlas leefomgeving van het RIVM is dat met name rond Amsterdam en Schiphol het geval. En zonder nou allerlei sentimenten op basis van de huidige crisissituatie op te willen roepen, komen er:

A. steeds meer onderzoeken die de relatie tussen luchtkwaliteit (denk aan fijnstof en stikstof) en luchtweginfecties aantonen (bijvoorbeeld een recent onderzoek van Harvard University);

en valt het:

B. nog maar te bezien of de mobiliteitsbehoefte als uitvloeisel van deze crisis weer hetzelfde zal worden. Het thuiswerken lijkt namelijk een enorme impuls te krijgen.

Alvorens bij mijn tweede punt te komen zal ik eerst op de aangekondigde moties ingaan.

MOTIE SP

Hoogwaardig OV is voor ons belangrijk, maar wij zijn van mening dat voor het geld van een lightrailverbinding er wel heel veel HOV-bussen zouden rijden, en die zijn toch nog altijd flexibeler qua traject.

Er zijn betere plekken in de provincie voor railverbindingen, plekken waar meer concentreerde mobiliteitsstromen voorkomen.

Omdat deze motie ons inziens teveel voorsorteert richting de lightrail-uitkomst zullen we hem niet steunen.

MOTIE VVD

Wat ons betreft is dit een stap terug in plaats van een stap vooruit. Hier lijkt te worden teruggegrepen naar de stuurgroep, waarin de samenwerking niet altijd soepeltjes liep, en daarnaast een wel erg eenzijdige focus had. Asfalt.

Dat het bereikbaarheidsvraagstuk onderdeel moet zijn van een visie op het gebied Bollenstreek/Haarlemmermeer is evident. Maar dan wel onderdeel van een benadering, waarin ook de leefbaarheid en de nieuwe natuuropgave hun plek vinden. Het fietst ook fijner langs een houtwal, dan langs prikkeldraad. We missen dan ook de betrokkenheid van natuur- en milieuorganisaties in deze motie.

De insprekers tijdens de commissievergadering hebben vooral laten zien dat er hier sprake is van een harde tegenstelling tussen burgers (tegen de weg) en het bedrijfsleven (voor), en daarbij doel ik niet op de bakker op de hoek of de kroegbaas die vorige week uitgebreid ten tonele werd gevoerd.

En nu er ook nog eens twee provincies langs deze scheidslijn tegenover elkaar lijken te staan, lijkt het mij veel verstandiger om de gedeputeerde de kans te geven om zoals hij zelf zegt: eerst een kopje koffie te gaan drinken. Ik vertrouw erop dat de gedeputeerde zijn relatiemanagement op orde heeft, zoals hij ook als wethouder in Zaanstad heeft bewezen.

Voorzitter, heb ik dan helemaal geen aandachtspunten voor de gedeputeerde? Jawel, en daarmee kom ik ook meteen op mijn tweede punt uit de commissievergadering.

Tijdens een luchtig een-tweetje tussen de gedeputeerde en een commissielid werd namelijk de indruk gewekt dat er geen tegenstelling tussen asfalt en CO2-uitstoot zou bestaan wanneer er meer elektrische auto’s over dat asfalt zouden rijden.

Ik schrok daar een beetje van:

want:

  • om auto’s niet direct CO2 uit te laten stoten zouden ALLE auto’s op niet fossiele brandstoffen moeten rijden;
  • om elektrisch te kunnen rijden zal toch elders energie moeten worden opgewekt, en dat zal dan ook weer duurzaam moeten gebeuren;
  • wanneer iedereen een elektrische auto bezit en gebruikt zorgt dat voor een gigantisch ruimtebeslag. En die ruimte is juist in het zuidelijk deel van onze provincie schaars.

In bepaalde delen van de kop van Noord-Holland is het niet realistisch om te verwachten dat openbaar en/of collectief vervoer de gehele mobiliteitsbehoefte kan faciliteren. De auto (en dan het liefst een zo schoon mogelijke) zal daar altijd gedeeltelijk onmisbaar blijven.

Maar juist in gebieden waar de ruimtelijke druk en de bevolkingsdichtheid groot zijn, zal de focus toch echt moeten liggen op thuiswerken, fietsen en openbaar vervoer. Alleen zo kunnen we de leefbaarheid, waar iedereen de mond van vol heeft, waarborgen.

Dank u wel.