Wind­energie en ener­gie­rapport van de regering


Inleiding

Een belangrijk onderdeel in het coalitieakkoord is het verminderen van de CO2 uitstoot door fossiele brandstoffen. Er is door de coalitiepartijen gekozen om windmolens op zee en niet op land te plaatsen. Een belangrijk argument hierbij is dat de windmolens op zee grote economische kansen bieden voor de Kop van Noord-Holland.

Vrijdag 10 juni is het Energierapport 2011 besproken in de Ministerraad. In de reactie van het kabinet wordt gesteld dat wind op zee een zeer dure optie is. Er zou dan ook eerst nog een forse prijsdaling nodig zijn voordat wind op zee uitgerold kan worden. Volgens het kabinet wordt windenergie op zee niet als een interessante optie gezien.

Het lijkt er dan ook op dat het coalitieakkoord van begin dit jaar (nu al) wordt doorkruist en dat de belofte van economische kansen voor de kop van Noord-Holland hierdoor zijn verwaaid. Tevens lijkt hiermee kans op het halen van de doelstellingen voor duurzame windenergie in Noord-Holland te zijn vervlogen, doordat er juist gekozen wordt voor wind op zee en niet op land.

Vragen

1. Sluit het coalitieakkoord nog aan bij het kabinetsbeleid?

2. Kunt u aangeven op welke manier de duurzame energie doelen gegeven het kabinetsstandpunt behaald zullen worden?

3. Wat zijn de gevolgen voor de door windparken verwachte economische ontwikkelingen in de kop van Noord Holland en hoe gaat u daar mee om?

4. Deelt u de visie van het kabinet op windenergie op zee?

5. Bent u met ons van mening dat de rijksoverheid geen stimulerend en consequent duurzaam energiebeleid voert en provincies daarvan de dupe zijn?

Zie voor meer informatie het Energierapport 2011 en de kabinetsreactie: http://www.rijksoverheid.nl/ministeries/eleni/documenten-en-publicaties/kamerstukken/2011/06/10/aanbiedingsbrief-energierapport-2011-plus-kabinetsreactie-rapport-taskforce-windenergie-op-zee.html
Gedeputeerde Staten zullen de gestelde vragen zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen 30 dagen na binnenkomst, beantwoorden

Antwoorddatum: 8 jul. 2011

1. Met het oog op het realiseren van de doelstelling 14% duurzame energie in 2020 zet het kabinet in op het stimuleren van de goedkoopste opties voor duurzame energie via de SDE+. Het kabinet hanteert geen concrete doelstelling voor wind op zee, maar stelt tegelijkertijd dat wind op zee op termijn een interessante optie kan zijn. Het coalitieakkoord NH 2011-2015 zet in op wind op zee primair vanwege de economische kansen die deze innovatieve sector biedt voor Noord-Holland. Wij werken aan de voorbereiding van beleidsvoorstellen, gericht op het stimuleren en optimaal benutten van de kansen. In de voorstellen die wij u in het najaar zullen voorleggen, zullen wij het rijksbeleid betrekken. Wij nemen daarbij in overweging de kansen die zich op termijn kunnen voordoen en de maatregelen die wij nu kunnen nemen om Noord-Holland hier optimaal op voor te bereiden. Ten aanzien van het bereiken van de doelstelling van 14% duurzame energie in 2020, geldt overigens dat offshore windenergie niet meetelt voor de provincie Noord-Holland, omdat het Rijk hiervoor bevoegd gezag is. Het bereiken van deze doelstelling wordt dan ook niet doorkruist door het kabinetsbeleid.

2. De provincie zet in op het realiseren duurzame energie doelen door een samenhangend beleid gericht op het stimuleren van projecten op het gebied van biomassa, duurzaam bouwen (incl. zonne-energie) en innovatie. Een van de concrete maatregelen die wij voorbereiden is het instellen van een EnergyBoard. Eind 2011 zullen wij u concrete voorstellen voorleggen.
De afspraken in het Klimaat-Energieakkoord Rijk en provincies om 430MW opgesteld vermogen te realiseren, worden gerespecteerd. De doelstelling voor windenergie op land zal worden omgebogen tot herstructurering en opschaling onder strikte voorwaarden. Een concrete stap is het Windplan Wieringermeer. Op 28 juni hebben wij de Inspraakreactie op de ontwerpstructuurvisie Windplan Wieringermeer vastgesteld; deze wordt u ter informatie toegezonden. Na het zomerreces zullen wij u een voorstel voorleggen voor de uitwerking van het coalitieakkoord in beleid voor wind op land.

3. Wij werken momenteel aan het in beeld brengen van de consequenties van uitvoering van het coalitieakkoord voor geplande windprojecten op land. Na zomerreces zullen wij u een notitie voorleggen. Windplan Wieringermeer zet in op herstructurering en valt binnen de kaders van het coalitieakkoord. Op 28 juni 2011 hebben wij de Inspraakreactie ontwerpstructuurvisie Windplan Wieringermeer vastgesteld. Deze wordt u ter informatie toegezonden.

4. De kosten voor de productie van offshore windenergie zijn op dit moment inderdaad circa 2,5 maal hoger dan de kosten van windenergie op land. De verwachting is dat de kostprijs op termijn zal dalen. In haar reactie op de adviezen van de Taskforce windenergie op zee geeft het kabinet aan zeer geïnteresseerd te zijn in stimulering van kostprijsverlagende innovatie rond windenergie op zee. Wij onderkennen het belang van innovatie voor verlaging van de kostprijs van wind op zee. Wij constateren dat een gunstig investeringsklimaat en een voortvarende uitgifte van concessies voor offshore windparken voorwaarden zijn voor innovatie in de offshore windsector.

5. Wij onderkennen het belang van een consistent overheidsbeleid voor het realiseren van doelstellingen voor duurzame energie en het verzilveren van de economische kansen in de duurzame energiesector. Een voorbeeld van stimulerend rijksbeleid is de SDE+. Tegelijkertijd constateren wij dat het kabinetsbeleid niet altijd consequent is. In specifieke gevallen kan hierdoor de uitvoering van duurzaam energiebeleid op provinciaal niveau worden gecompliceerd. Wij zullen dit onder de aandacht brengen van de Minister van EL&I, onder meer via Energy Valley en in IPO verband.

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer