Vragen over pacht­gronden provincie voor bollen­teelt


Indiendatum: 28 apr. 2022

Inleiding

De provincie verpacht actief grond voor bollenteelt. Op 26 april 2022 is een nieuwe inschrijvingsronde gestart van provinciaal pachtgrond in het seizoen 2023. De provincie hanteert diverse gebruiksvoorwaarden bij de verpachting van de grond. Zo zet de provincie zich naar eigen zeggen samen met haar pachters in voor de realisatie van provinciale doelen op het gebied van duurzame landbouw, natuur, biodiversiteit en water. [1][2]

De bollensector is een van de grootste gebruikers van landbouwgif, waarbij de meeste producten buiten Europa worden afgezet. Het landbouwgif komt in de lucht en in het oppervlaktewater. Daarmee is de sector op dit moment schadelijk voor o.a. natuur, biodiversiteit, waterkwaliteit en de gezondheid van mens en dier. De sector brengt het halen van de doelen van de Europese Kaderrichtlijn Water in gevaar. Omwonenden van bloembollenvelden en zelfs mensen die verder weg wonen worden aan landbouwgif blootgesteld. Artsen, toxicologen, milieudeskundigen en burgers maken zich grote zorgen. Wetenschappers wijzen o.a. op een gemiddeld 60 procent grotere kans op het krijgen van de ziekte van Parkinson voor mensen die met landbouwgif werken.[3] Daarnaast zijn aanwijzingen dat er een verband is tussen het gebruik van landbouwgif en hartritmestoornissen.[4]

Niet alleen stikstof, maar ook landbouwgif en ontwatering in de bollensector kunnen schade toebrengen aan de natuur. En gezien de staat waarin de meeste natuurgebieden nu verkeren moet dat voorkomen worden. De Natuurbeschermingswet stelt een verbod op verslechtering, maar zoals inmiddels bekend is wordt die wet in Nederland structureel overtreden.

De Europese Commissie heeft Nederland onlangs nog gewezen op het problematisch lage percentage biologische landbouw, terwijl de EU de transitie naar biologische landbouw juist wil versnellen. Slechts circa 1% van het areaal opengronds-tuinbouw (dit is inclusief de fruit- en sierteelt) en 0,7% van het aantal bollenbedrijven in Noord-Holland is biologisch. Noord-Holland heeft zich wel het doel gesteld om alle grondgebonden landbouw (inclusief sierteelt) natuurinclusief (niveau 2 volgens Louis Bolk Instituut, waar mogelijk niveau 3) te laten zijn in 2030.

Vragen

  1. Welke concrete gebruiksvoorwaarden stelt de provincie aan het gebruik van de grond voor bollenteelt? Verbiedt de provincie het gebruik van landbouwgif op deze gronden? Zo nee, waarom niet (op zijn minst zoals dat met glyfosaat gebeurd is)?

  2. Hoe helpen deze gebruiksvoorwaarden de realisatie van provinciale doelen op het gebied van duurzame en natuurinclusieve landbouw, biodiversiteit en water? Graag een overzicht per voorwaarde.

  3. Welk protocol geldt voor de controle of pachters voldoen aan de geldende pachtvoorwaarden en criteria (hoe, door wie en hoe vaak wordt er gecontroleerd)? Wat gebeurt er als de voorwaarden worden geschonden?
  4. Erkent GS dat het enorm zou helpen in de gewenste transitie als de provincie zelf op haar eigen gronden het goede voorbeeld geeft?

  5. Staat GS alleen biologische bollenteelt op de te verpachten gronden toe, gelet op o.a. het Stimuleringsprogramma biologische bollenteelt van de provincie, de ambitie in de Omgevingsvisie voor een omslag naar een natuurinclusieve landbouw (voor 2030) en uw eigen voornemen in het coalitieakkoord om het areaal biologische bollenteelt te vergroten? Zo nee, waarom niet en hoe rijmt dat met Europese ambities? En zo nee, hoe zit het tijdspad richting biologische teelt op eigen gronden er dan uit?

  6. Hoeveel van de 1.800 hectare pachtgrond is bestemd voor bollenteelt? Hoeveel daarvan is biologisch?

  7. a) Hoeveel hectare bollenteelt ligt in of nabij Natuur Netwerk Nederland (NNN) of Natura2000-gebieden?
    b) Hebben deze bedrijven (voor zover het Natura2000-gebieden raakt) een vergunning Wet Natuurbescherming? Zo nee, waarom niet?

  8. Is provincie Noord-Holland bereid om zich in te zetten voor afbouw van (niet-biologische) bollenteelt rondom natuurgebieden?

  9. Welke bollenteelten, zoals tulpen en lelies, zijn er in het seizoen 2022 op de provinciale pachtgronden?
  10. Kunt u aangeven wat gangbaar is in deze teelten in gifgebruik: welke middelen en welke hoeveelheden?[5] Zoals asulam, chloorprofam, prochloraz, tebuconazool en carbendazim.[6]

  11. Welke van deze middelen zijn probleemstoffen in het halen van KRW-doelen in Noord-Holland?

  12. Het middel carbendazim is sinds 2016 verboden, maar wordt nog steeds gebruikt, zo blijkt uit analyses van waterkwaliteitsmetingen in het Westland.[7] Is dit in Noord-Holland ook het geval?

  13. Bent u bereid de openbare inschrijving voor bollengrond van de provinciale pachtgronden stop te zetten en pas weer te openen als de gebruiksvoorwaarde “biologische teelt” of natuurinclusieve teelt (niveau 3 volgens Louis Bolk Instituut) is toegevoegd? Zo niet, hoe verdedigt u dit zeer tegenstrijdige beleid van de provincie?
  14. Bent u bereid de gebruiksvoorwaarde “biologische teelt” of natuurinclusieve teelt (niveau 3 volgens Louis Bolk Instituut) toe te voegen aan de openbare inschrijvingen voor gronden later dit jaar: akkerbouwgrond (juni/juli 2022), grasland, natuurgrond (september/oktober 2022) en resterende gronden (november/december 2022)? Zo niet, hoe verdedigt u dit zeer tegenstrijdige beleid van de provincie? En zo niet, bent u bereid zo’n ingreep wel voor de inschrijvingsperiode daarna te overwegen?


[1] https://www.noord-holland.nl/L...

[2] https://www.nieuweoogst.nl/

[3] https://www.bnnvara.nl/zembla/...

[4] https://www.trouw.nl/duurzaamh...

[5] https://www.bnnvara.nl/zembla/...

[6] https://www.rivm.nl/publicatie...

[7] https://www.ad.nl/westland/nog...

Indiendatum: 28 apr. 2022
Antwoorddatum: 31 mei 2022

Pachtgronden voor bollenteelt NoordHolland - iBabs RIS (bestuurlijkeinformatie.nl)


Inleiding

De provincie verpacht actief grond voor bollenteelt. Op 26 april 2022 is een nieuwe inschrijvingsronde gestart van provinciaal pachtgrond in het seizoen 2023. De provincie hanteert diverse gebruiksvoorwaarden bij de verpachting van de grond. Zo zet de provincie zich naar eigen zeggen samen met haar pachters in voor de realisatie van provinciale doelen op het gebied van duurzame landbouw, natuur, biodiversiteit en water. [1][2]

De bollensector is een van de grootste gebruikers van landbouwgif, waarbij de meeste producten buiten Europa worden afgezet. Het landbouwgif komt in de lucht en in het oppervlaktewater. Daarmee is de sector op dit moment schadelijk voor o.a. natuur, biodiversiteit, waterkwaliteit en de gezondheid van mens en dier. De sector brengt het halen van de doelen van de Europese Kaderrichtlijn Water in gevaar. Omwonenden van bloembollenvelden en zelfs mensen die verder weg wonen worden aan landbouwgif blootgesteld. Artsen, toxicologen, milieudeskundigen en burgers maken zich grote zorgen. Wetenschappers wijzen o.a. op een gemiddeld 60 procent grotere kans op het krijgen van de ziekte van Parkinson voor mensen die met landbouwgif werken.[3] Daarnaast zijn aanwijzingen dat er een verband is tussen het gebruik van landbouwgif en hartritmestoornissen.[4]

Niet alleen stikstof, maar ook landbouwgif en ontwatering in de bollensector kunnen schade toebrengen aan de natuur. En gezien de staat waarin de meeste natuurgebieden nu verkeren moet dat voorkomen worden. De Natuurbeschermingswet stelt een verbod op verslechtering, maar zoals inmiddels bekend is wordt die wet in Nederland structureel overtreden.

De Europese Commissie heeft Nederland onlangs nog gewezen op het problematisch lage percentage biologische landbouw, terwijl de EU de transitie naar biologische landbouw juist wil versnellen. Slechts circa 1% van het areaal opengronds-tuinbouw (dit is inclusief de fruit- en sierteelt) en 0,7% van het aantal bollenbedrijven in Noord-Holland is biologisch. Noord-Holland heeft zich wel het doel gesteld om alle grondgebonden landbouw (inclusief sierteelt) natuurinclusief (niveau 2 volgens Louis Bolk Instituut, waar mogelijk niveau 3) te laten zijn in 2030.

Vragen

Vraag 1:
Welke concrete gebruiksvoorwaarden stelt de provincie aan het gebruik van de grond voor bollenteelt? Verbiedt de provincie het gebruik van landbouwgif op deze gronden? Zo nee, waarom niet (op zijn minst zoals dat met glyfosaat gebeurd is)?

Antwoord 1:
De gebruiksvoorwaarden van de provincie Noord-Holland voor haar pachtgrond voor bollen zijn:
• Gebruik van glyfosaat is niet toegestaan. Toepassing is alleen mogelijk na toestemming van verpachter.
• Overige bestrijdingsmiddelen en bemesting zijn toegestaan, maar er dient een mest- en spuitvrije strook langs de schouwsloten te worden aangebracht. Deze is 3 meter breed, gemeten vanaf de insteek van de sloot bovenop de verplichte 50 centimeter mest- en spuitvrije zone. Voor bollengrond groter dan 5 hectare dient een strook van 6 meter aangehouden te worden, beginnende 50 centimeter uit de insteek van de sloot.
• In de mest- en spuitvrije strook geldt een verplichting tot het inzaaien met een inheems bloemrijk kruidenmengsel.
• De pachter van provinciale bollengrond dient jaarlijks een zogenaamd ’bouwplan’ in ter afstemming met de provincie. In dit bouwplan staat vermeld welke gewassen er geteelt worden. De provincie behoudt zich het recht voor om het ingediende bouwplan af te wijzen als dit een negatief effect kan hebben op de bodemkwaliteit.
• Er dient 30 ton compost opgebracht te worden voor elke teeltronde.
• Er dient groenbemester ingezaaid te worden.

De gebruiksvoorwaarden zijn te vinden op de website van de provincie onder https://www.noord-holland.nl/Loket/Vastgoed_en_grond/Verpachtingen/Algemene_documenten/Gebruiksvoorwaarden_pacht.pdf.

Op de pachtgronden van de provincie binnen het Natuurnetwerk Nederland (hierna: NNN) geldt een algemeen verbod op chemische gewasbeschermingsmiddelen.

De bollengronden van de provincie liggen buiten het NNN. Op de pachtgronden van de provincie buiten het NNN geldt geen algemeen verbod op gewasbeschermingsmiddelen, met uitzondering van de werkzame stof glyfosaat. Er is op dit moment grote onduidelijkheid over de mogelijk
schadelijke werking van glyfosaat en maatschappelijke onrust hierover. Om die reden geldt nu op al onze pachtgronden een verbod op glyfosaat.

De verantwoordelijkheid voor de toelating en het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen ligt bij het Rijk. Als middenbestuur zijn wij volgend op dit beleid. Het zelfstandig verbieden van álle chemische gewasbeschermingsmiddelen op onze gronden buiten NNN past niet binnen dit principe.

Vraag2:
Hoe helpen deze gebruiksvoorwaarden de realisatie van provinciale doelen op het gebied van duurzame en natuurinclusieve landbouw, biodiversiteit en water? Graag een overzicht per voorwaarde.

Antwoord 2:
Deze gebruiksvoorwaarden helpen de provinciale doelen op het gebied van duurzame en natuurinclusieve landbouw, biodiversiteit en water op de volgende manieren:
• Verbod glyfosaat: vanwege de grote onduidelijkheid over de mogelijk schadelijke werking van glyfosaat en maatschappelijke onrust hierover, is gekozen voor een verbod.
• Spuit- en mestvrije zone: zorgt voor minder afspoeling van nutriënten in de watergangen
• Akkerrand: draagt bij aan vermindering van de uit- en afspoeling van nutriënten. Het werkt als natuurlijke plaagbescherming en trekt insecten aan.
• Goedkeuring bouwplan: voldoende wisseling in teelten en het gebruik van groenbemesters en rustgewassen zorgen ervoor dat de bodem kan herstellen na intensieve teelten, het bodemleven op peil blijft, de bodemstructuur gezond blijft en bodemziekten weinig kans krijgen om zich te ontwikkelen.
• Compost: draagt bij aan gezond bodemleven en een voedingrijke bodem.
• Groenbemester: gaat verstuiving van de (zandige) percelen tegen en draagt bij aan de verbetering van de bodemkwaliteit.

Vraag 3:
Welk protocol geldt voor de controle of pachters voldoen aan de geldende pachtvoorwaarden en criteria (hoe, door wie en hoe vaak wordt er gecontroleerd)? Wat gebeurt er als de voorwaarden worden geschonden?

Antwoord 3:
Wij hebben vier Beheerders Grond in dienst, die zich dagelijks bezig houden met het beheer van de landbouw- en natuurgronden van de provincie. Zij controleren doorlopend gedurende de looptijd van de overeenkomst of de voorwaarden uit de pachtovereenkomsten worden opgevolgd.

Daarnaast onderhouden zij goed contact met alle pachters, in beginsel persoonlijk en op locatie. Naast goed contact met de pachters, onderhouden de Beheerders Grond een netwerk met andere beheerders van onder andere gemeenten, waterschappen, natuurbeheerders en agrarische collectieven.

Indien een contractvoorwaarde niet wordt nageleefd, gaat de Beheerder Grond in gesprek met de pachter. Intentie is om vanuit de professionele samenwerking te zoeken naar oplossingen en verbeteringen. Als de overtreding echter ernstig is, krijgt de pachter een officiële waarschuwing en
mogelijk een boete. Bij meerdere waarschuwingen kan de pachter worden uitgesloten bij de uitgifte van de provinciale pachtgronden. Ontbinding van het pachtcontract heeft tot nu toe niet plaatsgevonden en is alleen mogelijk op gronden die in het Burgerlijk Wetboek staan genoemd.

Vraag 4:
Erkent GS dat het enorm zou helpen in de gewenste transitie als de provincie zelf op haar eigen gronden het goede voorbeeld geeft?

Antwoord 4:
Ja, mede om deze reden hanteert de provincie diverse gebruiksvoorwaarden bij de verpachting van de grond. Zo zet de provincie zich samen met haar pachters in voor de realisatie van provinciale doelen op het gebied van duurzame landbouw, natuur, biodiversiteit en water.

Vraag 5:
Staat GS alleen biologische bollenteelt op de te verpachten gronden toe, gelet op o.a. het Stimuleringsprogramma biologische bollenteelt van de provincie, de ambitie in de Omgevingsvisie voor een omslag naar een natuurinclusieve landbouw (voor 2030) en uw eigen voornemen in het coalitieakkoord om het areaal biologische bollenteelt te vergroten? Zo nee, waarom niet en hoe rijmt dat met Europese ambities? En zo nee, hoe zit het tijdspad richting biologische teelt op eigen gronden er dan uit?

Antwoord 5:
De percelen van de provincie binnen het NNN worden uitsluitend als grasland verpacht. Hier is geen bollenteelt toegestaan.
Op de provinciale landbouwpercelen buiten het NNN kan een pachter omschakeling tot biologische grond aanvragen. In dat geval wegen wij af wat de consequenties van omschakeling zijn. In ons pachtbeleid hebben wij vastgelegd dat onze biologische grond met voorrang naar biologische
boeren gaat. Maar het is -vanuit het gelijkheidsbeginsel- niet de bedoeling dat een biologische boer hierdoor een monopoliepositie op onze grond krijgt. Wij streven namelijk duurzame en natuurinclusieve landbouw (a) toe, en niet alleen biologische landbouw.(b)

Daarnaast betreft ons eigendom ‘tijdelijk bezit’ en is veel grond bestemd voor het halen van andere provinciale doelstellingen (zoals infrastructuur en NNN). Biologisch omschakelen van grond vraagt minimaal 2 jaar aan voorbereidingstijd. Wij kunnen onze pachters niet altijd voldoende tijd
garanderen om na omschakeling nog zo lang te kunnen pachten, dat de investering efficiënt is.

Vraag 6:
Hoeveel van de 1.800 hectare pachtgrond is bestemd voor bollenteelt? Hoeveel daarvan is biologisch?

Antwoord 6:
Wij hebben ongeveer 52 hectare bollengrond in eigendom. Deze grond is niet omgeschakeld voor biologische landbouw.

Vraag 7:
a) Hoeveel hectare bollenteelt ligt in of nabij Natuur Netwerk Nederland (NNN) of Natura2000-gebieden?
b) Hebben deze bedrijven (voor zover het Natura2000-gebieden raakt) een vergunning Wet Natuurbescherming? Zo nee, waarom niet?

Antwoord 7a:
De bollengrond van de provincie ligt in de regio’s Bergen, Castricum, Egmond aan den Hoef en Heemskerk. Al onze bollenpercelen liggen in de nabijheid van NNN en/of Natura2000 en niet daarbinnen.

Antwoord 7b:
Agrarisch gebruik van de percelen is veelal toegestaan op basis van bestaand recht. Dit geeft geen aanleiding voor het vereisen van een vergunning op basis van de Wet Natuurbescherming. Over dit onderwerp loopt een landelijk onderzoek (Onderzoek | Metenweten).

Vraag 8:
Is provincie Noord-Holland bereid om zich in te zetten voor afbouw van (niet-biologische) bollenteelt rondom natuurgebieden?

Antwoord 8:
Nee, wij zetten in op verduurzaming van de bollenteelt en streven naar natuurinclusieve landbouw in 2030.

Vraag 9:
Welke bollenteelten, zoals tulpen en lelies, zijn er in het seizoen 2022 op de provinciale pachtgronden?

Antwoord 9:
Tulpen, hyacinten, irissen en narcissen.

Vraag 10:
Kunt u aangeven wat gangbaar is in deze teelten in gifgebruik: welke middelen en welke hoeveelheden?[5] Zoals asulam, chloorprofam, prochloraz, tebuconazool en carbendazim.[6]

Antwoord 10:
Allereerst merken we op dat er geen specifieke gewasbeschermingsmiddelen bestaan voor de bollenteelt. Gewasbeschermingsmiddelen die worden gebruikt voor de bollenteelt worden ook gebruikt in andere teelten.

Het is ons niet bekend welke gewasbeschermingsmiddelen in het algemeen daadwerkelijk worden of werden gebruikt en in welke hoeveelheid. Informatie over de toelating van gewasbeschermingsmiddelen in bepaalde teelten, inclusief de voorwaarden voor de toepassing (emissiebeperkende maatregelen, spuitvrije zones) is te vinden op
https://toelatingen.ctgb.nl/nl....

De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit controleert of bedrijven uitsluitend toegelaten gewasbeschermingsmiddelen gebruiken en of ze
deze middelen op de juiste wijze toepassen (c).

Wel beschikken wij over informatie welke gewasbeschermingsmiddelen gemonitord worden in het oppervlaktewater.
U noemt specifiek de middelen asulam, chloorprofam, prochloraz, tebuconazool en carbendazim.
Deze stoffen worden voor de bloembollenteelt gemonitord onder het LM-GBM (zie intermezzo).
Alle genoemde middelen zijn of waren in het verleden toegelaten in de bollenteelt.


Vraag 11:
Welke van deze middelen zijn probleemstoffen in het halen van KRW-doelen in Noord-Holland?

Antwoord 11:
Onder probleemstoffen wordt verstaan prioritaire of specifieke verontreinigende stoffen die in één of meer waterlichamen de norm overschrijden (d). Zoals bij de beantwoording van vraag 10
aangegeven worden onder het LM-GBM op 7 locaties in de provincie Noord-Holland, 62 stoffen voor de teelt bloembollen, gemonitord. Op deze 7 locaties zijn in 2020 normoverschrijdingen (e) gemeten voor de stoffen: carbendazim, dimethenamide, imidacloprid en pyraclostrobin.

Volledigheidshalve verwijzen we naar de rapportage van het Landelijk Meetnet
Gewasbeschermingsmiddelen Land- en Tuinbouw voor de evaluatie resultaten van 2020.

Vraag 12:
Het middel carbendazim is sinds 2016 verboden, maar wordt nog steeds gebruikt, zo blijkt uit analyses van waterkwaliteitsmetingen in het Westland.[7] Is dit in Noord-Holland ook het geval?

Antwoord 12:
Het middel Carbendazim heeft zelf geen toelating meer. Carbendazim is een metaboliet van thiofanaat-methyl, waarvan de toelating en gebruiktermijn in 2021 ook verstreken zijn. Middelen met deze stof werden gebruikt voor het ontsmetten van bollen. Dit gebeurde tijdens het plantseizoen en bij de bloembollenverwerking. Mogelijk kwam de stof via uit- en afspoeling van het
land of afspoeling van het erf gedurende het gehele jaar in het oppervlaktewater terecht.
Ook in de provincie Noord-Holland zijn verhoogde concentraties Carbendazim gemeten (f).

Vraag 13:
Bent u bereid de openbare inschrijving voor bollengrond van de provinciale pachtgronden stop te zetten en pas weer te openen als de gebruiksvoorwaarde “biologische teelt” of natuurinclusieve teelt (niveau 3 volgens Louis Bolk Instituut) is toegevoegd? Zo niet, hoe verdedigt u dit zeer tegenstrijdige beleid van de provincie?

Antwoord 13:
Nee, de openbare inschrijving voor bollengrond is inmiddels afgerond.

Vraag 14:
Bent u bereid de gebruiksvoorwaarde “biologische teelt” of natuurinclusieve teelt (niveau 3 volgens Louis Bolk Instituut) toe te voegen aan de openbare inschrijvingen voor gronden later dit jaar: akkerbouwgrond (juni/juli 2022), grasland, natuurgrond (september/oktober 2022) en resterende gronden (november/december 2022)? Zo niet, hoe verdedigt u dit zeer tegenstrijdige beleid van de provincie? En zo niet, bent u bereid zo’n ingreep wel voor de inschrijvingsperiode daarna te overwegen?

Antwoord 14:
Zoals reeds aangegeven, ziet onze ambitie niet alleen toe op biologische landbouw. De gebruiksvoorwaarden die wij stellen in de verpachting dragen reeds bij aan duurzame landbouw.
Wel blijven wij kijken naar verdere stimulering van duurzame landbouw. Om die reden zijn wij gestart met een pilot op onze eigen bollengrond voor de inzet van akkerranden bij de bestrijding van ongedierte en ziekten en bereiden wij een pilot voor agroforestry (g) akkerbouwgrond. voor op een perceel

[1] https://www.noord-holland.nl/L...

[2] https://www.nieuweoogst.nl/

[3] https://www.bnnvara.nl/zembla/...

[4] https://www.trouw.nl/duurzaamh...

[5] https://www.bnnvara.nl/zembla/...

[6] https://www.rivm.nl/publicatie...

[7] https://www.ad.nl/westland/nog...

a) Natuurinclusieve landbouw is een vorm van landbouw waarbij natuurlijke hulpbronnen optimaal worden gebruikt in de agrarische bedrijfsvoering.

b) Biologische landbouw is een vorm van landbouw waarin optimaal gebruik wordt gemaakt van natuurlijke hulpbronnen en wordt gewerkt volgens de certificeringsrichtlijnen van Skal

c) De regels voor de toelating en het gebruik van deze middelen staan in Verordening (EG) Nr. 1107/2009 en de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Wgb)

d) Basisdocumentatie probleemstoffen KRW - Helpdesk water

e) Getoetst aan de JG-MKN/MTR (Jaargemiddelde-MilieuKwaliteitsNorm/Maximaal Toelaatbaar Risico).

f) Atlas Bestrijdingsmiddelen in oppervlaktewater (bestrijdingsmiddelenatlas.nl)

g) A Agroforestry, of boslandbouw, is een verzamelnaam voor landbouwsystemen waarin bewust gestreefd wordt naar het introduceren
van bomen en struiken op percelen met akkerbouwgewassen of grasland. De combinatie van verschillende teelten leidt tot ecologische
en economische interacties die het geheel groter maken dan de som van de monoteelten. (Bron: www.agro-forestry.nl)