Vogel­we­rende maat­re­gelen rond Schiphol


Haarlem, 14 maart 2011

Onderwerp: Vragen van de heer A.E. van Liere (Partij voor de Dieren)

Inleiding:

Sinds december 2007 vraagt de Partij voor de Dieren in Provinciale Staten van Noord-Holland aandacht voor maatregelen die vogelaanvaringen rond Schiphol moeten voorkomen. In 2008 stelde het college van Gedeputeerde Staten in antwoord op Statenvragen het volgende:
- ‘Het nemen van maatregelen in de sfeer van ruimtelijke ordening is niet op korte termijn realiseerbaar. Hieraan zijn grote financiële consequenties verbonden en het nemen van ruimtelijke besluiten kost veel tijd’ en
- ‘Met de uitvoerders is afgesproken dat, daar waar een hogere vossenstand niet andere natuurdoelen schaadt, de vossenstand zoveel mogelijk ongemoeid gelaten wordt.’

De staatssecretaris voor Infrastructuur en Milieu maakte 11 maart jongstleden bekend dat het Rijk nog voor de zomer zal voorstellen om de zone waar vogelaantrekkende activiteiten verboden zijn op te rekken van 6 naar 10 of 13 km. “Dit betekent dat een groter gebied rondom Schiphol (of langs de landing en startbanen van Schiphol) niet of beperkt bestemd kan worden voor activiteiten zoals natte natuur, vuilstort en/of viskwekerijen.” De Partij voor de Dieren is verbaasd dat de staatsecretaris inzet op het tegengaan van natte natuur, viskwekerijen en vuilstorten buiten de 6 km zone, terwijl de vogels vooral op de agrarische activiteiten binnen de 6 km zone afkomen. Hierbij zijn de oogstresten die eind augustus/begin september soms weken op het land blijven liggen belangrijk.
Overigens blijft de Partij voor de Dieren bij de eerder geuite bezwaren tegen het faunabeheerplan . Door te proberen 80% van de overzomerende ganzen af te schieten in heel Noord-Holland zal vooral geschoten worden buiten de nabije omgeving van Schiphol. Hierdoor ontstaat het risico dat de ganzen naar Schiphol worden verjaagd en de veiligheid wordt ondermijnd.

Vragen:

1. Wat heeft u sinds 2007 op het gebied van ruimtelijke ordening ondernomen om te voorkomen dat vogels uit de wijde omgeving naar Schiphol komen?

Sinds er in Spaarnwoude veel op vossen is gejaagd, zijn er voor het eerst veel broedende ganzen waargenomen in dat gebied, onder de rook van Schiphol.
2. Bent u van mening dat uitvoerders daadwerkelijk de vossenstand zoveel mogelijk ongemoeid hebben gelaten?

3. Deelt u de mening dat landbouw ook een vogelaantrekkende activiteit is en maakt landbouw of de teelt van bepaalde gewassen ook deel uit van de te weren activiteiten?

4. Wanneer heeft u contact gehad met de staatssecretaris en wat is de inzet van de provincie Noord-Holland geweest om het gebied van 6 km rond Schiphol uit te breiden en wat is uw inzet bij de totstandkoming van het bestuursakkoord Vermindering Vogelaanvaringen?

5. Kunt u een overzicht geven van de concrete vogelaantrekkelijke activiteiten die rondom Schiphol verboden of beperkt (zouden moeten) worden?

De pilot, waarbij graanakkers na de oogst versneld worden omgeploegd, moet volgens de staatssecretaris voortgezet worden. “Het kan enorm helpen wanneer op een groter aaneengesloten areaal boeren de graanstoppels, die vogels aantrekken, na de oogst versneld onderploegen”, aldus Atsma. Ook Alterra adviseerde het direct omploegen van geoogste percelen. Deze pilot ging gepaard met subsidie en vond plaats op slechts 40 ha.
6. Waarom moeten niet alle agrariërs hun oogstresten opruimen, als dit belangrijk is voor de vliegveiligheid?

7. Bent u het met ons eens dat het belangrijker is om aanvaringen tussen vogels en vliegtuigen te voorkomen, dan landbouwschade te voorkomen of vogelpopulaties te verminderen?

8. Bent u bereid te zoeken naar locaties waar ganzen met rust gelaten kunnen worden waardoor zij juist niet naar Schiphol vliegen ( bijvoorbeeld de Wijkermeerpolder)?

9. Hoeveel van de 280 vogelaanvaringen in 2009 en 2010 waren aanvaringen met ganzen? En klopt het dat een gevonden dode vogel in de buurt van de start- en landingsbanen telt als een vogelaanvaring?

Antwoorddatum: 19 apr. 2011

1. Er zijn sinds 2007 geen maatregelen ondernomen op het gebied van ruimtelijke ordening. Maatregelen om te voorkomen dat ganzen in de verleiding komen om start- en landingsbanen te kruisen, zijn wel betrokken in de aanpak rondom de luchthaven Schiphol.
Het verbieden van bepaalde teeltsoorten is voor de provincie echter niet uitvoerbaar, omdat dit geen bevoegdheid van de provincie is. De provincie spreekt hier de daartoe bevoegde instanties wel op aan.

2. Nee, de vossenstand is niet ongemoeid gelaten. In de afweging waar en wanneer vossen beheerd moeten worden, spelen meerdere belangen een rol. Daarin worden ook andere natuurdoelen meegenomen, bijvoorbeeld het in stand houden van gezonde weidevogelpopulaties. De vos is bovendien landelijk vrijgesteld door het ministerie van Economische Zaken Landbouw & Innovatie (EL&I) en is om die reden vrij bejaagbaar.

3. Ja. Diverse landbouwgewassen hebben in de regel een aantrekkende werking op vogels. Een van de pijlers van de Nederlandse Regiegroep Vogelaanvaringen (NRV) richt zich dan ook specifiek op foerageergebieden en teeltsoorten. Zie ook de beantwoording op vraag 4.

4. Gedeputeerde J. Bond neemt namens de Provincie Noord-Holland deel aan de NRV. Hierin heeft ook het ministerie van Infrastructuur en Milieu (I&M) zitting op directieniveau. Gedeputeerde J. Bond en staatssecretaris J. Atsma hebben elkaar tijdens het symposium van de NRV ontmoet.

Het oprekken van de zones in het kader van het Luchthavenindelingsbesluit (LIB) is de verantwoordelijkheid van het ministerie van I&M. De inzet van de provincie beperkt zich hier tot overleg over dit voornemen tot het aanpassen van het LIB.
De inzet van de provincie bij de totstandkoming van het bestuursakkoord Vermindering Vogelaanvaringen ligt vooral in het verlengde van de bevoegdheden die het college van Gedeputeerde Staten heeft binnen de Flora- en faunawet: beheer en schadebestrijding. Uitgangspunt van de NRV is dat deze aanpak altijd een pakket aan maatregelen zal moeten zijn en dus wordt er tegelijkertijd ingezet op de volgende vier peilers:

1. populatiebeheer;
2. de inrichting en beheer van broed- en opgroeigebieden;
3. inrichting en beheer van foerageergebieden/landbouwgronden;
4. technische maatregelen, waaronder radardetectie van vogels.

5. De provincie heeft geen bevoegdheden om vogelaantrekkende activiteiten te verbieden. Op dit moment is bovendien nog geen exacte duiding aan te geven, dan wel zijn er consequenties te verbinden aan het aanpassen van het LIB. Er kan dus geen uitspraak worden gedaan aangaande welke concrete vogelaantrekkende activiteiten niet worden toegestaan.


6. Er is door het ministerie van I&M en de Luchthaven Schiphol ingezet op een pilot om de oogstresten versneld om te ploegen, om te bezien of dit daadwerkelijk de gewenste uitwerking zou hebben.
Nu deze pilot is afgerond, wordt bezien of dit op grotere schaal kan worden toegepast. Overigens is dit slechts één van de denkbare opties in relatie tot de landbouwpercelen rondom Schiphol.

7. Ja.

8. Er is vanuit de NRV en de Provincie Noord-Holland bereidheid op in te zetten op verschillende maatregelen. Zie ook de beantwoording bij vraag 4. Nieuwe opvanggebieden maken daar potentieel deel van uit. We constateren daarbij, dat de populatietoename van de overzomerende ganzen zo groot is, dat enkel het aanwijzen van opvanggebieden onvoldoende soulaas zal bieden om het risico op vogelaanvaringen te verminderen. Bovendien moet voorkomen worden dat uitbreiding van het areaal aan opvanggebieden de voortplantingskans van ganzen verder doet toenemen, wat de huidige problematiek zou vergroten. Zie ook het door uw Staten vastgestelde Uitvoeringskader Ganzen Noord – Holland (2009) hierover.

9. In 2009 zijn er geen aanvaringen met ganzen geregistreerd, in 2010 drie. Dit zijn alle drie echte ‘birdstrikes’ geweest, dus botsingen met vliegtuigen. Intact gevonden vogels op de landingsbaan zijn hierin niet meegeteld.

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer