Toename aantal geiten in Noord-Holland ondanks geitenstop


Inleiding

De provincie Noord-Holland heeft in december 2018 een geitenstop ingevoerd. De provincie nam dit besluit uit voorzorg, omdat uit onderzoek in opdracht van het Rijk blijkt dat omwonenden in een straal van 2 kilometer rondom geitenhouderijen een verhoogde kans op longontstekingen hebben.

Op de website van de provincie is te lezen dat er een groot landelijk onderzoek van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) loopt naar de mogelijke samenhang tussen geitenhouderijen en longklachten bij omwonenden. Zodra de precieze oorzaken van de gezondheidseffecten duidelijk zijn, wordt ook duidelijk of, en zo ja welke, (bedrijfs)maatregelen genomen kunnen worden. De afronding van dat onderzoek wordt in 2021 verwacht. Zolang er onduidelijkheid bestaat over de precieze oorzaken, is het vanuit het voorzorgprincipe nodig dat het aantal gehouden geiten in de provincie Noord-Holland niet verder toeneemt.[1] Ook de meerderheid van de partijen in de Provinciale Staten heeft tijdens het laatste debat over het onderwerp duidelijk aangegeven uit voorzorg geen verdere groei van het aantal geiten te willen.

Ondanks de geitenstop is het aantal geiten in Noord-Holland in 2019 met 7% gestegen ten opzichte van 2018.[2] Dat is ruim boven de gemiddelde landelijke stijging van 4,5%. In 2019 waren er 18.731 geiten in de provincie, tegenover 17.479 in 2018.[3]

Vragen

  1. Hoe kan het dat aantal geiten blijft groeien in Noord-Holland?
  2. Is de toename van het aantal geiten in strijd met de door de provincie ingestelde geitenstop, die immers inhoudt dat zolang er onduidelijkheid bestaat over precieze oorzaken van gezondheidseffecten, het vanuit het voorzorgprincipe nodig is dat het aantal gehouden geiten in de provincie Noord-Holland niet toeneemt?
  3. Klopt het dat met artikel 8, lid 4 van de Provinciale Ruimtelijke Verordening bedoeld is het feitelijk aantal dieren dat in een bedrijf voor 12 december 2018 aanwezig was, bepalend is voor het maximum aantal te houden geiten vanwege de geitenstop?[4]
  4. Hoeveel geitenbedrijven in Noord-Holland hebben hun aantal dieren uitgebreid en op welke wijze precies?
  5. Wat doet de provincie precies om de geitenstop te handhaven? Hoe gebeurt de handhaving en hoe vaak per bedrijf?
  6. Wat gaat de provincie doen om in 2020 opnieuw een groei te voorkomen?
  7. Wat vinden GS ervan dat geitenhouders op het gebied van fosfaatreductieplannen, mestregels en melkquota, onbeperkt hun gang kunnen gaan?

[1] https://www.noord-holland.nl/Onderwerpen/Land_en_tuinbouw_visserij/Geitenstop

[2] https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2019/48/meer-geiten-minder-varkens-en-runderen

[3] StatLine - Landbouw; gewassen, dieren en grondgebruik naar regio

[4]Uit de Toelichting op art. 8, lid 4 PRV: “Naast de melding op grond van het Activiteitenbesluit milieubeheer, kan hiervoor ook gebruik worden gemaakt van het Identificatie en Registratiesysteem dat door de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland wordt beheerd op grond van de Regeling identificatie en registratie van dieren. Op deze wijze wordt recht gedaan aan de feitelijk situatie die aanwezig was én past binnen het planologisch regime dat van kracht was voor 12 december 2018.” https://www.noord-holland.nl/Onderwerpen/Ruimtelijke_inrichting/Omgevingsvisie_en_PRV

l

Antwoorddatum: 4 feb. 2020

https://ibabsonline.eu/LijstDe…

Aan de leden van Provinciale Staten van Noord-Holland

Datum ingekomen vragen : 20 december 2019

Datum GS-besluit : 4 februari 2020

INLEIDING VRAGEN

De provincie Noord-Holland heeft in december 2018 een geitenstop ingevoerd. De provincie nam dit besluit uit voorzorg, omdat uit onderzoek in opdracht van het Rijk blijkt dat omwonenden in een straal van 2 kilometer rondom geitenhouderijen een verhoogde kans op longontstekingen hebben.

Op de website van de provincie is te lezen dat er een groot landelijk onderzoek van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) loopt naar de mogelijke samenhang tussen geitenhouderijen en longklachten bij omwonenden. Zodra de precieze oorzaken van de gezondheidseffecten duidelijk zijn, wordt ook duidelijk of, en zo ja welke, (bedrijfs)maatregelen genomen kunnen worden. De afronding van dat onderzoek wordt in 2021 verwacht. Zolang er onduidelijkheid bestaat over de precieze oorzaken, is het vanuit het voorzorgprincipe nodig dat het aantal gehouden geiten in de provincie Noord-Holland niet verder toeneemt.[1] Ook de meerderheid van de partijen in de Provinciale Staten heeft tijdens het laatste debat over het onderwerp duidelijk aangegeven uit voorzorg geen verdere groei van het aantal geiten te willen.

Ondanks de geitenstop is het aantal geiten in Noord-Holland in 2019 met 7% gestegen ten opzichte van 2018.[2] Dat is ruim boven de gemiddelde landelijke stijging van 4,5%. In 2019 waren er 18.731 geiten in de provincie, tegenover 17.479 in 2018.[3]

1 https://www.noord-holland.nl/O...

2 https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuw...

3 StatLine - Landbouw; gewassen, dieren en grondgebruik naar regio


VRAGEN INCLUSIEF BEANTWOORDING GEDEPUTEERDE STATEN

Vraag 1:Hoe kan het dat aantal geiten blijft groeien in Noord-Holland?

Antwoord 1: In de regels voor de geitenhouderij worden de bestaande rechten gerespecteerd. Dit zijn de juridisch toegestane aantallen geiten in vergunningen en meldingen. Het is mogelijk dat het feitelijk aanwezige aantal geiten fluctueert ten opzichte van het feitelijke aantal geiten van de peildatum.

Vraag 2: Is de toename van het aantal geiten in strijd met de door de provincie ingestelde geitenstop, die immers inhoudt dat zolang er onduidelijkheid bestaat over precieze oorzaken van gezondheidseffecten, het vanuit het voorzorgprincipe nodig is dat het aantal gehouden geiten in de provincie Noord-Holland niet toeneemt?

Antwoord 2: Nee, dit is niet per definitie in strijd met de regels voor de geitenhouderij. Zie antwoord 1. Bij het instellen van de geitenstop is een afweging gemaakt tussen het maatschappelijk belang van toepassing van het voorzorgbeginsel en het ondernemersbelang om bestaande rechten zoveel mogelijk te respecteren.

Vraag 3: Klopt het dat met artikel 8, lid 4 van de Provinciale Ruimtelijke Verordening bedoeld is het feitelijk aantal dieren dat in een bedrijf voor 12 december 2018 aanwezig was, bepalend is voor het maximum aantal te houden geiten vanwege de geitenstop?[4]

Antwoord 3: Nee. Artikel 8 lid 4 concretiseert wat het maximum aantal dieren is dat als bestaand recht wordt gezien. Dit is niet per se het feitelijk aanwezige aantal geiten op 12 december 2018. Afhankelijk van de situatie kunnen de Melding activiteitenbesluit, de omgevingsvergunning en het Identificatie & Registratiesysteem bepalend zijn voor het maximum aantal dieren dat als bestaand recht wordt gezien.

Vraag 4: Hoeveel geitenbedrijven in Noord-Holland hebben hun aantal dieren uitgebreid en op welke wijze precies?

Antwoord 4: De informatie per bedrijf is bij ons niet bekend. De provinciale toename in aantallen dieren is wel bekend. Uit de cijfers van het CBS blijkt dat in 2019 de Noord-Hollandse geitenstapel als volgt is uitgebreid:

  • Gangbare landbouw: +966 geiten ten opzichte van 2018
  • Biologische landbouw: +268 geiten ten opzichte van 2018[5]

Vraag 5: Wat doet de provincie precies om de geitenstop te handhaven? Hoe gebeurt de handhaving en hoe vaak per bedrijf?

Antwoord 5: De provinciale regels voor de geitenhouderij zijn instructieregels aan gemeenten en worden uitgevoerd door de gemeenten. Zij hebben tevens de verantwoordelijkheid voor de handhaving. Hoe vaak dat per bedrijf plaatsvindt, kan per gemeente verschillend zijn. Vanuit Interbestuurlijk Toezicht beoordelen wij of de gemeenten de uitvoering van hun taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving goed hebben ingericht. Dit doen wij op afstand, sober, in vertrouwen en proportioneel. Indien er signalen zijn dat dit niet op orde is, kunnen wij ingrijpen.

Vraag 6: Wat gaat de provincie doen om in 2020 opnieuw een groei te voorkomen?

Antwoord 6: Indien de toename van de aantallen geiten plaatsvindt binnen de bestaande vergunningen en meldingen, is dat toegestaan. Indien tijdens een controle blijkt dat dat niet het geval is, zal handhaving plaatsvinden. De gemeenten zien toe op naleving van de regels.

Vraag 7: Wat vinden GS ervan dat geitenhouders op het gebied van fosfaatreductieplannen, mestregels en melkquota, onbeperkt hun gang kunnen gaan?

Antwoord 7: De regels voor de veehouderij zijn landelijk bepaald. De provincie heeft hierin geen rol of verantwoordelijkheid.

[4] Uit de Toelichting op art. 8, lid 4 PRV: “Naast de melding op grond van het Activiteitenbesluit milieubeheer, kan hiervoor ook gebruik worden gemaakt van het Identificatie en Registratiesysteem dat door de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland wordt beheerd op grond van de Regeling identificatie en registratie van dieren. Op deze wijze wordt recht gedaan aan de feitelijk situatie die aanwezig was én past binnen het planologisch regime dat van kracht was voor 12 december 2018.” https://www.noordholland.nl/Onderwerpen/Ruimtelijke_inrichting/Omgevingsvisie_en_PRV
[5] Statline: Activiteiten van biologische landbouwbedrijven per regio