Monde­linge vragen ganzen Schiphol


Voorzitter,

Voor het 2e jaar op rij heeft GS besloten ontheffing en aanwijzing te geven voor het vergassen van duizenden ganzen met koolzuurgas. Vliegen moet veilig zijn, maar dit helpt niet.
1. Kan de gedeputeerde enig effect aantonen van het vergassen van 5054 ganzen in 2012 op het aantal baankruisingen en daarmee op de vliegveiligheid? Zo ja, in welk rapport is dit aangetoond? Zo nee, waarom is dan deze ontheffing gegeven?

Wetenschappers adviseren al jaren om te stoppen om ganzen naar Schiphol te lokken. Ook onderzoeksbureau Arcadis stelde vorig jaar al dat het aanpakken van de akkers het meest effectief is. Het Ministerie, de provincie en Schiphol verpachten desondanks voor de hoogste prijs landbouwgrond zonder enig voorbehoud te maken voor de vliegveiligheid.
2. Hoeveel pachtovereenkomsten van publieke partijen zijn er inmiddels waarin voorwaarden zijn opgenomen om te stoppen met ganzen te lokken?

3. In Amsterdam worden steeds meer wilde ganzen in de stad gesignaleerd. Zij worden opgejaagd in de hele regio en zoeken de veiligste plekken. Dit leidt tot meer verplaatsingen en vliegbewegingen. Hoe ziet GS deze ontwikkeling en bent u bereid ganzen met rust te laten als dat de vliegveiligheid bevordert?

4. Overweegt het Rijk de subsidie om graanresten onder te ploegen vanwege de hoge kosten te beëindigen? Waarom wordt de regeling niet uitgebreid naar aardappelen en bieten, om de vliegveiligheid bij alle oogsten te verbeteren?

5. Gedeputeerde Bond wekte bij RTVNH de indruk dat hij vond dat je niet zomaar kon ingrijpen in bedrijven, ook niet vanwege de vliegveiligheid. Vindt het college het een wenselijke situatie dat binnen de 6 kilometerzone geen wettelijke beperkingen worden opgelegd aan bedrijven die met hun activiteiten ganzen naar Schiphol lokken en de vliegveiligheid in gevaar brengen? Zo nee, wat gaat zij daaraan doen?

6. Waarom is de ontheffing in Noord-Holland en Utrecht meteen verleend en in Zuid-Holland niet?

7. Heeft de gedeputeerde zich op enigerlei wijze ingezet om de ontheffing verleend te krijgen in de andere provincies?

Antwoorddatum: 3 jun. 2013

Gedeputeerde BOND: Voorzitter. Wat betreft de ontheffingen, dan is dit het antwoord op vraag 1. De ontheffing is afgegeven omdat wij en dat was vorig jaar ook al het geval, op basis van het Alterra rapport, het pilot rapport Grauwe ganzen op Texel de effectiviteit hiervan al aangetoond hebben. Uit dit rapport blijkt dat het vangen en doden een maatregel is, waarbij een duidelijk effect op de populatietrend te zien is. U kunt dat nog een keer nalezen in de Statenvragen 35 uit 2012 en de antwoorden daarop. De noodzaak tot populatiereductie is nog steeds aanwezig. Het gebruik van CO2 is het meest diervriendelijke dodingsmiddel. Wij zijn hierin door de rechter afgelopen vrijdag 31 mei in het gelijk gesteld op alle onderdelen. De voorzieningenrechter wees het verzoek van de Faunabescherming tot schorsing van de vangacties af. De rechter bepaalde onder meer dat er geen andere bevredigende oplossingen zijn en dat het vangen en doden van ganzen in het betreffende gebied effectief is als het gaat om het beperken van de ganzenpopulatie. Het effect zal naar verwachting ook te zien zijn in de telgegevens van Landschap Noord-Holland rondom Schiphol. Echter die tellingen van 2012 zijn net voor de vangacties uitgevoerd, dus daarin zal het effect nog niet te zien zijn en de telgegevens van 2013 zijn nog niet beschikbaar. De verwachting is dat het daar wel in te zien zal zijn. U krijgt die gegevens zodra zij binnen zijn. Verder is het zo dat het Faunabeheerplan Ganzen rondom Schiphol naar de mening van GS heeft aangetoond dat het noodzakelijk is om zolang de andere pijlers uit het convenant van de Nationale Regiegroep Vliegvogelaanvaringen niet voldoende jaarrondeffect sorteren en zolang de populatie zo groot is als nu en zich daardoor ook een aantal risicovolle baankruisingen voordoet, het noodzakelijk blijft om de populatie ganzen in de omgeving van Schiphol te reduceren.

Vraag 2, ook daar hebben wij het al eerder over gehad. Ik verwijs dan naar de brief van GS aan PS met nummer 201230552. Dat ging over de mogelijkheden voor het opnemen van voorwaarden in de pachtcontracten. In die antwoorden werd uiteengezet wat de beperkte mogelijkheden van GS zijn met betrekking tot het opnemen van voornemens in pachtcontracten. Wij gaven daarin aan dat GS niet de mogelijkheid heeft om direct invloed uit te oefenen op de inhoud van pachtcontracten op BBL-gronden, zolang deze nog niet aan ons zijn overgedragen. Wel was het mogelijk om te bezien of DLG rekening wilde houden met onze wensen hieromtrent. Dat hebben wij ook gevraagd aan DLG bij de aanbieding van de pachtcontracten en in de aanbiedingsbrief richting pachters, om daarin aan te geven dat indien er graan wordt verbouwd, er vanuit wordt gegaan dat er wordt meegedaan aan de regeling voor het versneld onderploegen van graan, opgesteld door het Ministerie van I&M. DLG heeft hiermee ingestemd. Het niet aanvragen van deze vergoeding van I&M door de pachters kan ervoor zorgen dat deze pachter het jaar daarop niet meer voor pacht wordt geselecteerd. De regeling waaraan wordt gerefereerd, betreft een zone rondom Schiphol waar boeren dus een vergoeding krijgen voor het versneld onderploegen van graanresten. Graanresten hebben van de verbouwde gewassen in de regio veruit de grootste aantrekkingskracht op ganzen. Deze regeling heeft samen met de vangacties in 2012 ervoor gezorgd dat er een trendbreuk kwam en dat er aanzienlijk minder baankruisingen in de maand september voorkwamen. Dat is namelijk de maand en dat wordt ook in het Arcadis-rapport aangegeven, waarin de ganzen worden aangetrokken door de oogstresten. In het jaarverslag van de Nationale Regiegroep
Vogelaanvaringen wordt gesproken van een trendbreuk in het aantal baankruisingen in die maand september als je dat vergelijkt met de vorige jaren. Met deze vrijwillige regeling kunnen wij dus wel vaststellen dat wij een positief resultaat hebben geboekt. Desondanks heeft het onaantrekkelijk maken van de akkers rondom Schiphol slechts effect in die maand september rondom de oogst, en is het voor de rest van het jaar nog steeds nodig om het aantal risicovolle baankruisingen te verminderen.

Vraag 3, ook in de stad duiken ze al op, hoor ik net van de heer Van Liere. De rapporten die wij kennen, gaan alleen over de Nijlganzen in het stedelijk gebied. Het is ook allerminst gegarandeerd dat er zich minder risicovolle vliegbewegingen van ganzen zullen voordoen als wij ze met rust laten, zoals u zegt. Zij zullen toch twee keer per dag heen en weer moeten vliegen van rust- naar slaapplaats, naar het foerageergebied, om in hun voedselbehoefte te voorzien. Het is overigens zeker dat het vangen en doden van ganzen in de ruitijd geen invloed heeft gehad op het aantal vliegbewegingen, aangezien de ganzen dan niet kunnen vliegen.

Vraag 4, ons is niet bekend dat het Ministerie van I&M de regeling van versneld onderploegen van de graanresten wenst te beëindigen. Voor meer informatie over die regeling verwijzen wij u door naar dat ministerie, want dat is de coördinator van dit spoor vanuit de Nationale Regiegroep Vogelaanvaringen.

Vraag 5, dat is altijd wel een interessante. Een gedeputeerde die bij RTV Noord-Holland de indruk wekt dat je niet zo maar kan ingrijpen. Als u dan ook nog weet dat dat een samenwerkingsverband was tussen RTV Noord-Holland en Piep! en dat is dan een partij die direct gerelateerd is aan de PvdD, dan wordt er soms weleens geknipt en geplakt en dan kan die suggestie zomaar op tv gewekt worden. Maar goed. Het effect dat de regeling van het Ministerie van I&M sorteert, is het afgelopen jaar zeer groot geweest. Ik heb dat al gezegd. In september 2012 waren er 90% minder baankruisingen dan in het jaar daarvoor in dezelfde maand. Mede door dit succes zien wij vooralsnog geen aanleiding om het Ministerie van I&M te vragen middels het LIB wettelijke beperkingen op te leggen als het gaat om de bedrijfsvoering van agrariërs in deze regio. Dat is wat ik daarmee heb bedoeld te zeggen.

Als het gaat om uw vraag 6, het verschil tussen Noord-Holland, Utrecht en Zuid-Holland. Daar is geen specifieke reden voor, daar zijn verschillende organisaties ieder met hun eigen bedrijfsvoering en beoordelingsproces.

Eigenlijk heb ik dan ook al antwoord gegeven op uw vraag 7. Nee, een gedeputeerde bemoeit zich niet met een beoordeling van ontheffingsaanvragen van andere provincies. Het toetsen van een ontheffingsaanvraag is juridisch-technisch en niet politiek.

De VOORZITTER: De heer Van Liere voor zijn eventuele vervolgvragen.

De heer VAN LIERE (PvdD): Voorzitter. In de brief over de pachtovereenkomsten DLG waar de gedeputeerde aan refereerde, gaat het specifiek om wat je doet met gronden waarover wij via DLG de beschikking hebben. Schiphol heeft natuurlijk ook direct invloed op hun terreinen en schermt met precies dezelfde argumentatie van: nee, die pachtovereenkomsten kunnen wij niet zo maar aanpassen, dat is moeilijk en daar zit de DLG niet tussen. Ik kom er niet uit, wat is nou het grote probleem met het aanpassen van pachtcontracten? Wat u nu doet, u zegt, eigenlijk moet men verplicht meedoen aan die vrijwillige subsidieregeling van het ministerie. Dat gaat nog steeds om 853 euro per hectare wat ik een behoorlijk bedrag vind, en dat is meer dan de pachtprijs. Ik snap eigenlijk niet zo goed waarom zoveel geld moet worden uitgegeven, wel voor de vliegveiligheid, dat snap ik nog. Het is een hele rare situatie dat je gesubsidieerd wordt om geen ganzen te lokken, zodat je geen bedreiging voor de vliegveiligheid veroorzaakt. Dat zou je gewoon niet moeten doen, dat hoort gewoon in wet- en regelgeving, namelijk in het LIB, vast te liggen hoe je moet opereren om te voorkomen dat vliegtuigen naar beneden komen. Ik wil graag heel specifiek horen wat nou het probleem is met het aanpassen van die pachtovereenkomsten. Waar zit dat juridische probleem? U hoeft dit niet ter plekke te beantwoorden, want ik denk dat dit iets te technisch gaat worden, maar een memo toezeggen zou heel fijn zijn.

Ten tweede begrijp ik dat u nog niet op de hoogte bent van de toevlucht die wilde ganzen nemen tot de stad waar wat minder of niet gejaagd wordt. Dat is nieuw voor u en ik begrijp dat u dat nog verder zal gaan onderzoeken. Ik hoop op spoedige resultaten die u dan naar de Staten stuurt, want het is wel relevant. U maakte even een grapje dat de dieren die in de rui zijn, niet kunnen vliegen en dat dat geen effect heeft gehad op de vliegbewegingen. Evident waar, maar dat neemt niet weg dat je wel ingrijpt in de populatie. Je verstoort de populatieopbouw zoals die op dat moment is. Er verdwijnen dieren en er komen dus weer foerageermogelijkheden en rustplaatsen beschikbaar, waar overlevende ganzen gebruik van kunnen maken en die daar wel naartoe moeten vliegen. Dus wat dat betreft verander je wel degelijk de hele populatiestructuur. Je verandert dus iets voor die dieren, waardoor ze op een andere manier gaan reageren, wat wel degelijk een effect heeft. Wilt u die in het vervolg wel meenemen?

Voorzitter, de discussie doet een beetje denken aan Pallas Petten, én én, én cyclotrons én een kernreactor. Hier is het én preventieve maatregelen én het vergassen van ganzen. Laten wij wel zijn, als die Haarlemmermeer volledig geasfalteerd zou worden en ik zeg niet dat dat een goed plan is, integendeel, dan komen er geen ganzen, zijn er geen baankruisingen en je hoeft er geen gans voor te vergassen. De vraag is dus: kunnen wij een dergelijke situatie neerzetten, waar het voor de ganzen erop lijkt dat er niets te halen is alsof alles is geasfalteerd zonder dat je hoeft te asfalteren? Dat kan. Stop met ganzen lokken. Doe nou toch wel die oproep aan het Rijk om het LIB aan te passen binnen die zes kilometerzone, want daar vraagt Arcadis expliciet om in hun advies. Het is een goed rapport, doe die oproep alstublieft.

De heer HOLTHUIZEN (50plus): Voorzitter. Met enige verwondering beluister je dit debat tussen de gedeputeerde en de vragensteller. De gedeputeerde moet er toch ook van overtuigd zijn dat als hij handelt zoals hij handelt, in de loop van de laatste eeuw de mens in Nederland op grote afstand van de natuur is komen te staan en niet meer weet waar hij het over heeft in de meeste gevallen. Dat is helaas zo. Wat doen wij, wij staan aan de grens te juichen als er eindelijk een vos de grens overkomt vanuit Duitsland, nadat wij eerst tien jaar lang onze honden muilkorven hebben laten dragen tegen de hondenziekte, de hondsdolheid. Vervolgens laten wij die de duinen hier kaal vreten en vervolgens vinden wij het goed dat wij in die kaalgevreten duinen geen meeuwen meer willen hebben en die gaan in de stad op de daken zitten, omdat zij dan geen last hebben van die vos. De gemeente Haarlem heeft er al last van en zo zijn er nog veel meer gemeenten. Van de dieren die wij hier loslaten en laten lopen, krijgen wij heel veel last. Als provincie hebben wij met het beheer van die dieren iets te maken. Dat kunnen wij niet doen door met zijn allen alles maar aaibaar te vinden en daar niet meer iets aan te doen. Ik vraag de gedeputeerde om met kracht dat verhaal, die boodschap van ‘je kunt niet alles maar goed vinden’, uit te dragen. Je kunt geen hert uit een dierenpark in de duinen loslaten en tot 6.000 dieren laten uitgroeien en het vervolgens goed vinden dat zij hier de zaak verzieken. Je moet daar wat aan doen. Als er lui zijn die vinden dat het wel moet, dan moeten die gewoon met de bekende wettelijke middelen en goede besluiten bestreden worden. Ik hoop dat u dat gaat doen.


De heer KÖHNE (VVD): Voorzitter. Het gaat mij meer om het technisch proces dat vandaag aan de orde is. Er zijn een aantal vragen over het Schipholbeleid gesteld. Ik ondersteun graag het initiatief van het college om dit beleid in te zetten. Als wij daar kritisch op willen reageren, zou ik graag naar de commissie verwijzen. Dan kunnen wij allemaal aan het proces deelnemen. Zoals het nu gaat, is het een één-op-één discussie tussen de PvdD en GS en ik vind het een hele zware verantwoordelijkheid van een aantal partijen, de PvdD en het Faunabeleid en de Faunabescherming om dit beleid aan te vechten. Ik wil die zware verantwoordelijkheid toch graag in de commissie terugzien om daar met elkaar over te discussiëren en niet op dit niveau.

De VOORZITTER: Die vraag moet u niet aan de gedeputeerde stellen, maar die moet u aan de commissievoorzitter stellen.

De heer KÖHNE (VVD): Dat zal in de eerstvolgende commissie zeker aan de orde komen.

Gedeputeerde BOND: Voorzitter. Allereerst wil ik eerst even reageren op het zogenaamde grapje dat ik gemaakt zou hebben, want dat is geen grapje. Ik maak in dit dossier geen grapjes, omdat en dat is dan in antwoord op de vraag van de heer Holthuizen, ik als geen ander inmiddels weet dat dit een gevoelig dossier is van heel verschillende kanten. Het met kracht uitvoeren van een veranderend beleid, dat kunt u ook in het huidige coalitieakkoord lezen. Wij hebben een switch gemaakt van populatiebeheer zo’n vier jaar geleden en dat doe je ook niet zomaar. Mijnheer Van Liere, u met uw wetenschappelijke rapporten weet ook dat wij sinds 2002 toen de nieuwe Flora- en Faunawetgeving van kracht is geworden, hebben gekeken of het met zelfregulering kan. Wij zijn nu zover dat wij een G7 hebben waar zelfs de Vogelbescherming, Natuurmonumenten en Staatsbosbeheer zeggen dat wij een probleem hebben en dat wij terug moeten naar het niveau van 2005, dat weet u ook. Dat zijn ook niet de minste mensen die dat beleid voorstaan. U zou die switch ook een keer moeten maken als het gaat om nuchterheid en realiteitszin en gewoon pragmatisme, want wij willen terug naar het niveau van 2005. Als u het dan ook heeft over die baankruisingen, de laatste bird strike waarbij bijna een vliegtuig naar beneden kwam, Air Maroc, dat was de Aalsmeerder baan. Daar liggen helemaal geen landerijen, daar liggen de kassen. Dat heeft dus ook te maken met de vluchtbewegingen van de ganzen en niet alleen met het land er omheen. Dan ga ik nu toch wat in op uw vragen, want u stelt opnieuw de vraag waar u al een keer schriftelijk antwoord op heeft gehad in de brief waarnaar ik verwees. Dat heeft te maken met het recht dat ook de grondeigenaar of een pachter heeft in contracten. Ik heb u in de eerste termijn geantwoord en ook in die brief en ook nu weer, dat wij dus alles doen wat in onze macht ligt om die ondernemer over te halen om mee te doen. Dan noemt u een bedrag dat wij per hectare betalen en daarmee zegt u zelf dat wij er ook alles aan doen om in de volle breedte dit probleem aan te pakken en niet alleen met de vangacties gedurende een week of vier in het jaar. Het gebeurt dus in de volle breedte op vier sporen en dit is er een van. Het is dus inderdaad én, én, én omdat het probleem groot is én omdat wij in het kader van vliegveiligheid, dus ook economie, maar ook in het kader van de populatie die veel te groot is, in heel Noord-Holland een probleem hebben en dat pakken wij aan. Dat doen wij zoals de heer Holthuizen zegt, met kracht en ook gemotiveerd en onderbouwd met aantallen en schadebedragen die jaarlijks oplopen. Als het gaat om de stad, daar wordt dan nog niet gejaagd. Als daar ook de aantallen toenemen, dan weet je nog niet wat daar gaat gebeuren. Er worden meeuwen genoemd als voorbeeld. Wij gaan daar wel op in. Ik zal nog vragen of zij die laatste rapporten ook kunnen opvragen, zodat ik daar ook helemaal geupdate wordt. Tot slot kan ik u zeggen dat iedere actie wordt gemonitord, geëvalueerd. Ook in die Nationale Regiegroep op die vier sporen van de radar, de technische en planologische acties als het gaat om ruimte, contracten, maar ook dit spoor van het vangen en het omlaag brengen van de populatie, wordt elk jaar geëvalueerd en gemonitord. Het wordt zeer zorgvuldig gedaan in dit dossier waarin geen grapjes worden gemaakt.

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer