Ganzen­foe­ra­geer­ge­bieden


Inleiding

Nederland is een ganzenland. In de winter verblijven hier meer dan één miljoen ganzen afkomstig uit het noorden van Europa en Siberië. Van veel soorten ganzen verblijft een groot gedeelte van de hele populatie in de winter in ons land, waardoor Nederland internationaal een grote verantwoordelijkheid heeft. Omdat ganzen soms schade veroorzaken aan landbouwgewassen, heeft het ministerie van LNV een ganzenopvangbeleid ontwikkeld. Dit beleid is nu door het LEI geëvalueerd.

Volgens het CLM en het Landbouw Economisch Instituut (LEI) is het economisch en maatschappelijk aantrekkelijker om het huidige ganzenbeleid te stoppen en ganzen overal te laten grazen.

Uit onderzoek blijkt dat de twee miljoen ganzen die 's winters in ons land verblijven tot jaarlijks € 8,4 miljoen minder hoeven te kosten dan nu het geval is. Het systeem met gedooggebieden voor de vogels is volgens dit onderzoek veel te duur. Het LEI bepleit een terugkeer naar de oude situatie, met een vergoeding voor alle boeren die schade lijden door de grazende ganzen. Er hoeven dan ook geen duizenden vogels te worden gedood, zoals dat in de huidige praktijk het geval is.

Met de verdergaande decentralisatie van het faunabeleid ligt het uitkeren van schade en eventuele subsidieregelingen straks bij de provincie.

Vragen
1. Deelt u de mening van het CLM en LEI dat het economisch en maatschappelijk aantrekkelijker is om ganzen weer overal te laten foerageren, te beschermen en boeren een schadevergoeding uit te keren zonder dat zij hoeven te verjagen?

2. Bestrijdt u dat de kosten van het huidige beleid € 8.4 miljoen hoger liggen dan beëindiging van het huidige beleid plus het vergoeden van schade?

3. Welk advies gaat u het Rijk geven over het foerageergebiedenbeleid voor ganzen?

4. Bent u bereid in het kader van de decentralisatie van het faunafonds te suggestie van CLM/LEI om een collectieve verzekering voor faunaschade in het leven te roepen te onderzoeken (in feite een privatisering van het faunafonds)?

5. Wordt het beleid van de foerageergebieden betrokken bij de decentralisatie van het faunabeleid?

Antwoorddatum: 30 sep. 2010

Ons antwoord aan provinciale staten luidt als volgt:
1.
Nee.
2.
Ja. Het CLM/LEI heeft op verzoek van het ministerie van EL&I (voorheen ministerie van LNV) gevraagd, om de gevolgen van de verschillende mogelijke aanpassingen voor het opvangbeleid voor winterganzen en schadevergoeding aan boeren door te rekenen. In de verschillende scenario’s zijn er op deze manier kostenreducties in beeld gebracht. Daarbij is er gewerkt op basis van aannamen waarbij de onderzoekers zelf ook aangegeven hebben dat deze met onzekerheden omkleed zijn. Zo is in het scenario ‘Stoppen met huidig beleidskader’ een onzekere factor of het aantal ganzen hierdoor extra zal toenemen, omdat het huidige ondersteunende afschot bij verjaging (nu landelijk circa 100.000 ganzen) vervalt. Als de aantallen toenemen, zal ook de schade toenemen.
3.
In IPO verband wordt in samenspraak met overige provincies een advies opgesteld richting het ministerie van EL&I. Wij zullen u over dit advies en de eerder uitgevoerde ‘Evaluatie opvangbeleid 2005-2008 overwinterende ganzen en smienten’ separaat informeren.
4.
In de bijlage van het nieuwe regeerakkoord staat: “De onderdelen van de EHS en ILG (incl. aandeel DLG, Subsidie Agrarisch Natuurbeheer, ganzenbeheer en het faunafonds) die na ombuigingen resteren en de Regionale Historische Centra worden gedecentraliseerd naar provincies met een korting op het budget van 25%.”
De wijze waarop en tijdsspanne waarin, deze decentralisatie tot uitvoering zal komen, is nog niet bekend. Wij willen hier op dit moment niet op vooruitlopen.
5.
Zie beantwoording vraag 4.

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer