Bestem­mingsplan megastal Het Kippenhok in Middenmeer


Inleiding
Tot en met 28 december 2015 ligt het ontwerpbestemmingsplan Verplaatsing pluimveebedrijf ‘Het Kippenhok’[1] ter inzage. Dit bedrijf met 550.000 vleeskuikens per cyclus van zes weken, is deel twee van de megastal waarvan Provinciale Staten in 2009 heeft gezegd deze niet te willen. Deel één van deze megastal, het bedrijf Meerkip (366.666 vleeskuikens), is mogelijk gemaakt door een wijziging van de Provinciale Ruimtelijke Verordening (PRV) en in 2015 gerealiseerd.

Ingevolge artikel 19j van de Natuurbeschermingswet is een beoordeling van de effecten van toename van ammoniakdepositie op Natura 2000-gebieden nodig bij het opstellen van een bestemmingsplan. Deze ontbreekt als bijliggend stuk bij het onderhavige bestemmingsplan. De aanvrager heeft bovendien een onjuiste beoordeling van de effecten van het pluimveebedrijf gemaakt.

Vragen

Aanvrager concludeert dat een toename van 0,13 mol stikstofdepositie op het Natura 2000-gebied Zwanenwater & Pettemerduinen verwaarloosbaar is en er daarmee geen feitelijke toename van de stikstofdepositie plaatsvindt en daarmee een Natuurbeschermingswetvergunning kan worden verleend. Dit Natura 2000-gebied is echter gesloten voor meldingen (boven de 0,05 mol) in het kader van de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS)[2], dus is het project vergunning plichtig. Of de vergunning verleend kan worden hangt af van de beschikbare ontwikkelingsruimte. Daarover valt zonder vergunning niets te zeggen, aangezien het geen prioritair project betreft.
1. Deelt u de mening dat de beoordeling van de effecten van de toename van ammoniakdepositie op Natura 2000-gebieden onjuist is? Zo neen, waarom niet?

Op de oude locatie van Het Kippenhok is met 75.676 kippen en emissiearme stallen een depositie van 0,05 mol berekend op Natura 2000-gebied Zwanenwater & Pettemerduinen. Daarmee ligt voor de hand dat zeven keer zoveel kippen, in eveneens emissiearme stallen en dichter bij dit Natura 2000-gebied, de depositie 0,35 mol is. De aanvrager berekent echter 0,13 mol.
2. Heeft u de berekende deposities op de Natura 2000-gebieden nagerekend en kunt u de ogenschijnlijke discrepantie toelichten?

3. Is het college bereid een zienswijze tegen het onderhavige bestemmingsplan in te dienen, in elk geval omdat de in artikel 19j van de Natuurbeschermingswet verplichte passende beoordeling ontbreekt? Zo nee, waarom niet?

4. Deelt u de mening dat de PAS megastallen mogelijk maakt? Zo nee, kun u dat toelichten?

5. Deelt u de mening dat de PAS stikstofdepositie mogelijk maakt in gebieden waar de kritische depositiewaarde wordt overschreden? Zo nee, waarom niet?

[1] http://www.ruimtelijkeplannen.nl/web-roo/roo/bestemmingsplannen?planidn=NL.IMRO.1911.BPLG2009hz0001oud-on01

[2] http://www.boerderij.nl/Home/Nieuws/2015/11/20-Natura-2000-gebieden-dicht-voor-PAS-melding-2726181W/

Antwoorddatum: 21 dec. 2015

1. De beoordeling is naar onze mening ten dele onjuist. Het Natura 2000-gebied Zwanenwater & Pettemerduinen heeft op dit moment een grenswaarde voor de vergunningplicht van 1,0 mol N/ha/jr. De grenswaarde was een aantal maanden 0,05 mol, omdat de meldingenruimte op was, maar met de actualisatie van de PAS op 15 december 2015 is deze weer op 1 mol gekomen. De effecten door het voorgenomen project op dit gebied zijn daarom vergunningsvrij. Wel geldt er een meldingsplicht, omdat de drempelwaarde van 0,05 mol wordt overschreden. Uit een herberekening met het rekenprogramma AERIUS Calculator blijkt evenwel dat het project ook een effect van 0,08 mol N/ha/jr heeft op het Natura 2000-gebied Alde Faenen in de provincie Friesland. Omdat de grenswaarde van dit gebied op18 december j.l. is verlaagd naar 0,05 mol N/ha/jr betekent dit dat het gehele project alsnog vergunningsplichtig is. Of een vergunning verleend kan worden, hangt inderdaad af van de beschikbare ontwikkelingsruimte.

2. Ja. Het project is doorgerekend met behulp van AERIUS Calculator, zoals dat wettelijk is voorgeschreven. Uit deze berekening volgt dat de hoogste depositie op het Natura2000-gebied Zwanenwater & Pettemerduinen in de voorgenomen situatie 0,52 mol N/ha/jr bedraagt en in de huidige situatie 0,25 mol N/ha/jr. Dat het houden van zeven keer zoveel kippen leidt tot een slechts twee keer zo hoge depositie op het Natura2000-gebied Zwanenwater & Pettemerduinen komt doordat in de voorgenomen situatie gebruik wordt gemaakt van emissiearme stallen. De nieuwe stallen hebben een emissie van 0,015 mol N per dier, terwijl de huidige stallen een emissie van 0,080 mol N per dier veroorzaken.

3. Ja. Wij hebben op 22 december 2015 een zienswijze ingediend op het onderhavig bestemmingsplan. Hierin is ook een passage opgenomen over de Natuurbeschermingswet. Daarin dringen wij aan op aanpassing van de inmiddels achterhaalde natuurtoets.

4. De PAS is een beoordelingskader op grond van de Natuurbeschermingswet en maakt als zodanig geen onderscheid naar specifieke typen van ruimtelijke ontwikkeling, die mogelijk of onmogelijk zouden worden gemaakt.

5. Ja. De PAS maakt een toename van de stikstofdepositie mogelijk in gebieden waar de kritische depositiewaarde wordt overschreden, zolang in die gebieden nog voldoende ontwikkelingsruimte beschikbaar is, zoals bedoeld was.
Van de beschikbaar gestelde ontwikkelingsruimte is in de PAS onderbouwd en passend beoordeeld dat bij de geborgde uitvoering van de benodigde herstelmaatregelen uit de PAS-gebiedsanalyses, geen aantasting plaatsvindt van de natuurlijke kenmerken van de gebieden

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer