Proef­dier­debat


22 mei 2008

Op 21 mei 2008 werd er een proefdierdebat georganiseerd door Bioscience forum in de RAI te Amsterdam. Yvon Vijn van de Amsterdamse werkgroep van de Partij voor de Dieren was één van de deelnemers aan het debat. Hieronder leest u haar persoonlijke verslag.


Het echte debat over dierproeven vond plaats na de betogen van vier sprekers:
- Prof. B. Spruyt (UMCU)
- Prof. C. Hendriksen (Alternatieven voor Dierproeven)
- Mevr. M. Zuidgeest (Proefdiervrij)
- Dhr. H.J. Ormel (2e kamerfractie CDA).
-
De toon van Prof. Spruyt was dermate vervelend, dat ik besloten had mijn vraag aan hem te gaan stellen. De man beschouwt dierproeven als de gewoonste zaak van de wereld en kwam met vergelijkingen die finaal mank gingen. Wel heel eenvoudig om de zaak weg te wuiven door te zeggen dat welzijn niet bestaat als er geen stress bestaat; zo ken ik er nog wel een paar. Een vergelijking met een gang naar de tandarts is wat mij betreft ook onzinnig; uiteindelijk leveren de stress en het ongerief die je eventueel ondervindt om naar een tandarts te gaan je uiteindelijk iets goeds op, namelijk een controle mbt je eigen gezondheid en welzijn. Een proefdier wordt gewoon gebruikt (of liever: misbruikt) zonder daar zelf enig voordeel van te ondervinden.

Verder is zijn afgeven op de DEC’s (Dier Experimenten Commissies) mijns inziens gevolg van frustratie dat men niet per eergisteren allerlei dieren zomaar kan misbruiken. Zijn voorstel om onderzoekers/studenten vrij hun gang te laten gaan en pas achteraf te gaan evalueren is weerzinwekkend. Dit geeft aan dat hij het morele bezwaar van de tegenstanders in het geheel niet serieus neemt.

Op mijn vraag of Prof. Spruyt, net als Prof. Schroten (van de Commissie Biotechnologie bij Dieren, voorheen de Commissei Schroten) vindt dat mensen die de overtuiging hebben dat dieren een ziel bezitten naar een psychiater gestuurd zouden kunnen worden beantwoordt hij dat dat wat hem betreft niet hoeft. Wel heeft hij het idee dat mensen die vanuit emotie het debat aangaan eigenlijk geen deelnemers aan het debat kunnen zijn.
Of ik uiteindelijk een kans maak om aan het debat mee te mogen doen is de grote vraag, aangezien Prof. Spruyt zich afvraagt wat ik dan onder een ziel versta…… (sic).

Dhr. Ormel doet er nog een schepje bovenop door me te vragen of ik denk dat dieren een geest bezitten. Alsof een wezen zonder geest dus gewoon misbruikt kan worden omdat het tóch alleen maar een ziel heeft. (Overigens verwijt hij het Nederlandse volk dat het hypocriet is aangezien het veel problemen lijkt te hebben met dierproeven terwijl het vaak zelf de eigen huisdieren ‘fout’ behandelt (bijv. overgewicht bij honden en katten). Decadentie, noemt hij dat. Wat mij eerder te binnen zou schieten bij dit woord mbt dieren is de bio-industrie. En de helse praktijken die hier gebezigd worden vinden plaats onder directe verantwoordelijkheid van de minister van landbouw Verburg van het CDA!! )

Kortom; we praten met elkaar maar daar is dan ook alles mee gezegd. En natuurlijk borrelen daarna alle biotechnologen/wetenschappers en politici met elkaar om te proosten op hoe goed het allemaal gaat.


’wat weet ik van de vogel
als ik zijn zingen niet versta’

Gedicht van Willem Hussem

Yvon Vijn
Werkgroep Amsterdam Partij voor de Dieren

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws

    Abonneer op de nieuwsbrief