Over­be­vissing visse­rij­sector oorzaak toename Aalscholvers


31 januari 2008

De aalscholver is een viseter die anders dan zijn naam doet vermoeden vooral het op pos, baars, blankvoorn en spiering gemunt heeft maar nauwlijks op aal. De aalscholver wordt door zowel de beroepsvisserij als door sportvissers gezien als een geduchte concurrent, al is een groot deel van de door de aalscholver gevangen vis commercieel van vrij weinig belang.
In het verleden is de aalscholver intensief bestreden. Zo bepaalde de overheid in 1955 dat het aantal broedparen moest worden beperkt tot 1200, verdeeld over drie kolonies. In de jaren zestig begon de waterverontreiniging zijn tol te eisen en daalde het aantal paren tot onder de 800 en het aantal kolonies tot twee (het Naardermeer en het Overijselse Wanneperveen).



In 1965 kreeg de aalscholver volledige bescherming en namen de aantallen weer toe. In 1978 vestigde zich een kolonie in de Oostvaardersplassen. Deze kolonie is uitgegroeid tot de grootste van Nederland. Andere grote kolonies zijn te vinden in de Lepelaarplassen (bij Almere), in het Naardermeer, in Oostvoorne, in Wanneperveen en op diverse Waddeneilanden.

Na 1993 daalde de landelijke populatie als gevolg van een sterke afname in de Oostvaardersplassen. Op het zelfde moment ontstond er een nieuwe relatief kleine kolonie in de Ven ten noorden van Enkhuizen. Deze kolonie wist zich door verschillende oorzaken op spectaculaire wijze in nog geen tien jaar van slechts enkele broedparen tot ruim 3000 broedparen in 2001 te vermenigvuldigen.




De combinatie van een explosieve toename van de aantallen rondom het IJselmeergebied broedende Aalscholvers en de teruggang in de opbrengst van de commerciele visserij op Aal en Snoekbaars heeft in de jaren negentig en daarna allerlei vragen doen opkomen over (vermeende) schade die de visetende vogels aan de beroepsvisserij zouden toebrengen.
Deze ontwikkelingen waren de aanleiding voor de start van een intenseieve monitoring van de broedbiologische en voedselecologische aspecten ten opzichte van de populatieontwikkelingen van de soort in het IJsselmeergebied.

Het in 2002 gepubliciteerde rapport ‘Aalscholvers in het IJsselmeergebied: concurrent of graadmeter? van het Rijksinstituut voor Integraal Zoetwaterbeheer en Afvalwaterbehandeling RIZA naar de populatiedynamica en ecologie van Aalscholvers in het IJselmeergebied (1997-2001) toont aan dat de overbevissing door de visserijsector deze onbewust de oorzaak is voor het herstel van de Aalscholvers in Nederland.

Door de overbevissing van de in het IJsselmeergebied actieve visserijvloot, welke het vooral voorzien heeft op Aal en Snoekbaars, onstaat er een scheve verhouding in de populatiedynamica en is er naar verhouding te veel kleine vis in het systeem aanwezig. Hierdoor speelt de sector de Aalscholver onbedoelt in de kaart.

Een drastische inperking van de visserijvloot die op het IJsselmeer actief is zal ook voor de Aalscholver gevolgen hebben; de prognose is echter niet meer Aalscholvers maar minder, doordat er een afnemende hoeveelheid kleine vissen in de meren zal zijn omdat de predatiedruk door roofvissen, zoals Snoekbaars toeneemt.

Overigens blijft het vooralsnog onduidelijk hoe er de komende jaren aan de conclusies van het rapport door de visserijsector invulling gegeven zal gaan worden.
Te vrezen is echter dat de beschermde visetende vogel als hoofddader van de teloorgang van een sector aangewezen zal worden zonder te beseffen dat ze zichzelf de nek omdraaien.




bronnen:
- Milieu & NatuurCompendium
- RIZA rapport 2001.058 ‘Aalscholvers in het IJsselmeergebied: concurrent of graadmeter?

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws

    Abonneer op de nieuwsbrief