Circussen met wilde dieren


14 oktober 2007
Donderdag 4 oktober 2007 stonden in de commissie Samenleving van de Gemeente Haarlem twee brieven op de agenda van de werkgroep Haarlem e.o. van de Partij voor de Dieren. De voorzitter, Belinda van der Kort, had spreektijd (is 5 minuten) aangevraagd in deze commissie om samen met Bram van Liere de twee brieven toe te lichten.

Onderstaand vindt u de brief over circussen met wilde dieren.

Aan het college van burgemeester en wethouders en de gemeenteraad van de gemeente Haarlem
Grote Markt 2
2003 PB HAARLEM

Haarlem, 18 juli 2007

Geacht college, geachte raadsleden,

Het is aannemelijk dat Circus Renz ook dit jaar rond Kerstmis zijn voorstellingen met wilde dieren in Haarlem zal willen geven. De Partij voor de Dieren verzoekt om aan deze “traditie” een einde te maken en in het algemeen geen vergunningen meer te verlenen aan circussen met dieren.

Het laten uitvoeren van kunstjes door dieren getuigt niet van respect voor de dieren, terwijl hun levenslange opsluiting in kooien onacceptabel is en steeds meer maatschappelijke weerzin oproept. Daarnaast doen zich vooral bij wilde dieren ernstige welzijnsproblemen voor. De Partij voor de Dieren vindt daarom dat het gebruik van dieren in het circus verboden dient te worden. Wij staan daar niet alleen in, dierenwelzijnsorganisaties voeren actie tegen het gebruik van wilde dieren in circussen en ook onder het publiek is de meerderheid tegen het gebruik van wilde dieren in circussen. Een meerderheid vindt dat circussen met dieren als vermaak niet meer van deze tijd zijn. Dat is ook logisch als je circusacts vergelijkt met het spektakel dat tegenwoordig in bijvoorbeeld pretparken geboden wordt. Ook om dieren te zien hoeft een circus niet meer bezocht te worden, dat kan veel beter in de vele natuurprogramma’s die op de televisie te zien zijn.
Naast de dierenwelzijnsproblematiek rond vooral de “training”, het transport en de huisvesting van circusdieren achten wij het morele aspect van het gebruik van de circusdieren verwerpelijk. Het is ongepast om kinderen een dergelijke respectloze omgang met dieren, waarin zij worden gereduceerd worden tot objecten ter vermaak, te laten bijwonen.
Tot slot zijn er nog de veiligheidsrisico’s die de circusdieren met zich meebrengen. Maandelijks vallen door toedoen van circusdieren ergens ter wereld doden en gewonden onder zowel verzorgers als het publiek. Gelukkig is dat in Nederland al enige tijd niet meer voorgevallen en wij hopen natuurlijk dat dit zo blijft.

De Partij voor de Dieren verzoekt u gehoor te geven aan de wens van de meerderheid van de Nederlanders om circussen met dieren te weren. Andere gemeenten zijn u reeds voorgegaan. Het zou bij een moderne stad als Haarlem passen om deze kans aan te grijpen met de start van een nieuwe traditie; die van het diervriendelijke Kerstfeest. Wij zullen u hiervoor graag van suggesties voorzien. Tevens maken wij graag een afspraak met u om alle aspecten van circussen met dieren nader te belichten.

Met vriendelijke groet,

Belinda van der Kort, Voorzitter Werkgroep Haarlem e.o. Partij voor de Dieren



De reacties van de verschillende politieke partijen op de brief over circussen met wilde dieren liepen uiteen:
Ten eerste reageerde Groen Links, Anita de Jong, dat zij door de twee brieven van de Partij voor de Dieren nu een initiatiefvoorstel Dierenwelzijnsbeleid Haarlem indient.
Mevrouw Van Limbeek, van de lokale partij Axielijst, steunt het initiatiefvoorstel van Groen Links. Zij vertelt dat ze vorig jaar heeft geflyerd bij circus Renz en dat uit de reacties bleek dat het publiek niet wist welk leed er achter de schermen plaatsvindt met wilde dieren in het circus.
De heer Schouten, Partij Spaarnestad, onderbreekt mevrouw Van Limbeek doorlopend om zijn mening te ventileren dat het allemaal geneuzel is. ,,Dieren leren alleen met liefde.” Hij kan het weten, want hij is hondentrainer geweest, zo zegt hij, waarop mevrouw Van Limbeek hem erop wijst dat er toch wel een verschil tussen gedomesticeerde en wilde dieren bestaat.
De heer Hagen, VVD, reageert dat de overheid uitgebreide regels heeft en dat circus Renz meestal aan de wettelijke eisen voldoet. De heer Pen, CDA, vindt dat de controle in orde is. De heer Roos, SP, merkt op dat hij in een spagaat komt, omdat zijn dochtertje graag naar het circus wil in december.
Wethouder Divendal zegt dat vorig jaar, 3 juli 2006, een motie waarin gevraagd werd om circussen met dieren niet langer toe te staan in de gemeente, is verworpen en dat circus Renz voor drie jaar op het terrein mag staan bij Ikea. (Onduidelijk blijft hoe dit zit met de vergunning, vermoedelijk wordt die per jaar afgegeven.)

Maandag 8 oktober 2007 komt een reactie van wethouder Divendal per brief op de brief over circus Renz.
Geachte mevrouw van der Kort,

In uw brief van 18 juli 2007 vraagt u om geen vergunningen meer te verlenen aan circussen met dieren, te beginnen met de Kerstvoorstellingen van circus Renz.
Formeel kunnen wij niet aan uw verzoek voldoen. Minster Verburg van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit heeft per schrijven van 13 juli 2007 aan de voorzitter van de Tweede Kamer laten weten, dat de Gezondheids- en Welstandswet voor Dieren voor gemeenten geen ruimte overlaat om extra eisen te stellen aan het dierenwelzijn. Gemeenten mogen om die reden dan ook geen circussen verbieden.
Lagere overheden hebben, aldus de minster, niet de bevoegdheid om eigen regelgeving te voeren.

Daarnaast heeft de gemeenteraad van Haarlem zich op 3 juli 2006 uitgesproken over een motie, waarin gevraagd werd om circussen met dieren niet langer toe te staan in de gemeente. Deze motie werd verworpen.

Overigens zijn wij van mening dat de behandeling van dieren bij circus Renz de toets der kritiek kan doorstaan.

Met vriendelijke groet,

Maarten Divendal.


De laatste alinea uit deze brief ‘Overigens zijn wij van mening dat de behandeling van dieren bij circus Renz de toets der kritiek kan doorstaan’ heeft de werkgroep Haarlem e.o doen besluiten om onderstaande e-mail te sturen naar alle commissieleden:

Haarlem, 12 oktober 2007

Geachte heer/ mevrouw,

Naar aanleiding van de brief die wij als Werkgroep Haarlem e.o. Partij voor de Dieren hebben ontvangen op maandag 8 oktober, reageren wij met name op de laatste alinea uit de brief, wij citeren:
‘Overigens zijn wij van mening dat de behandeling van dieren bij circus Renz de toets der kritiek kan doorstaan.’ De heer Maarten Divendal, wethouder Onderwijs, Jeugd, Sport, Beheer en onderhoud openbare ruimte en Milieu.

Het ziet er wel allemaal oké uit als je zo naar het circus gaat, maar de RDA (adviesorgaan van de minister) heeft niet voor niets de brancherichtlijnen, die ook circus Renz als uitgangspunt neemt bij het houden van haar dieren, afgekeurd. Niet voor niets hebben dierentuinen verenigd in de Nederlandse Vereniging voor Dierentuinen (NVD) en de European Association for Zoos and Aquaria (EAZA) in hun beleid opgenomen dat ze geen dieren weg zullen doen naar circussen, niet voor niets stellen meer en meer landen en gemeenten verboden in.

In de moderne dierhouderij is zonder uitzondering het uitgangspunt om wilde dieren zo te houden dat zij hun soortspecifieke gedrag (graven, klimmen, zwemmen, nesten bouwen) en sociale leefwijze (in groepen of juist solitair) moeten kunnen uitoefenen. De Commissie Brambell (1965) formuleerde destijds de zogenaamde 5 vrijheden: 1. vrij van honger en dorst; 2. vrij van fysiek en fysiologisch ongerief; 3. vrij van pijn, verwondingen en ziektes; 4. vrij van angst en chronische stress; 5.vrij om natuurlijk (soorteigen) gedrag te vertonen, die heden ten dage nog steeds een kader scheppen om het welzijn van een dier aan af te meten. Dierentuinen zijn wettelijk verplicht de aan hun zorg toevertrouwde dieren deze 5 vrijheden te bieden. Dan nog wordt aan dierentuinen de voorwaarde opgelegd dat zij moeten bijdragen aan educatie en aan soortbeschermingsprogramma’s.

Hanteren we de vijf vrijheden dan is direct duidelijk dat het houden van wilde dieren in circussen onmogelijk is zonder hun welzijn aan te tasten.
De vrijheid om natuurlijk (soorteigen) gedrag te vertonen is essentieel voor het welzijn, maar wordt in circussen per definitie ernstig beperkt door een gebrek aan ruimte en mogelijkheden voor een natuurlijke inrichting van het verblijf. Daarnaast wordt een natuurlijke levensloop verstoord door de continu optredende transporten, het onder menselijk gezag moeten leren van trucjes en de verstoring van de essentiële sociale verbanden tussen dieren door de dominante positie die de dompteur noodzakelijk inneemt. Circussen dienen daarbij, behalve vermaak, geen maatschappelijk doel. Het houden van dieren in circussen is niet educatief en aan soortbeschermingsprogramma’s wordt niet deelgenomen.

Het rapport ‘Guidelines for the keeping of wild animals in circuses’ van het Wiener Umwelt Anschaft te Oostenrijk schept een helder beeld over de onmogelijkheid om het welzijn van wilde dieren in circussen te waarborgen.
Vooraanstaande experts concluderen in dit rapport, gebaseerd op wetenschappelijke studies en de lange termijn praktijkervaring van de auteurs met het houden van wilde dieren in gevangenschap, dat het onmogelijk is om wilde dieren in overeenstemming met hun soortspecifieke behoeften en eigenschappen te houden in een circus:

“It is the general objective for the future to permit the keeping of animal species in circuses only if these animals can enjoy a lifestyle corresponding to their species, subspecies and behaviour characteristics. It is principally impossible to keep wild animals in circuses in a manner fully corresponding to the needs of the individual species.”

Dit rapport ligt ten grondslag aan het nationale verbod op het gebruik van wilde dieren in het circus dat sinds 1 januari 2005 in Oostenrijk van kracht is. Ook landen zoals Engeland, België, Denemarken, Finland, Kroatië, Slowakije, Malta, Israël en Singapore kennen op nationaal of gemeentelijk niveau inmiddels verboden voor alle wilde dieren in het circus of specifieke diersoorten. In Nederland kent de gemeente Winschoten inmiddels een dergelijk beleid.

Overeenkomstig de bevindingen van het Wiener Umwelt Anschaft is ook het feit dat gerenommeerde dierentuinen verenigd in de Nederlandse Vereniging van Dierentuinen (NVD) en de European Association for Zoos and Aquaria(EAZA) in hun beleid hebben vastgelegd dat ze geen dieren weg doen naar circussen of andere dubieuze instellingen. Overigens is het goed om te bedenken dat een dierentuin in Nederland die haar dieren houdt overeenkomstig een willekeurig circus onmiddellijk zou worden gesloten.

We willen circussen niet afschilderen als criminele organisaties. Het circus is een mooie traditie die wij niet willen zien verdwijnen, maar voortschrijdend inzicht in het leven en welzijn van dieren brengt het onvermijdelijke feit met zich mee dat het gebruiken van dieren meer en meer als maatschappelijk onacceptabel wordt beschouwd. Dit is vooral het geval wanneer er geen essentieel menselijk belang is, zoals bij het circus. Tradities zijn geen onveranderlijke verschijnselen, maar kunnen zich in de loop der tijd aan de nieuwe opvattingen en morele normen van mensen aanpassen en hebben dat in het verleden ook steeds gedaan.
Wij vragen u als gemeente te kiezen voor de voorhoedepositie. Als belangrijke stad in Nederland kunt u als bestuur laten zien dat u de maatschappelijke verschuiving in het denken over dierenwelzijn signaleert en het thema politiek belangrijk vindt. U kunt zich derhalve profileren als diervriendelijke stad en dit kan een precedentwerking hebben voor andere gemeenten.

Wij verwijzen u ook naar de bijlage ‘Circusmythes ontkracht’ van Wilde Dieren de Tent uit.

We zien uw reactie graag tegemoet.

Met vriendelijke groet,
Belinda van der Kort, Voorzitter Werkgroep Haarlem e.o. Partij voor de Dieren

Op bovenstaande mail hebben zijn nog geen reacties binnen gekomen, wordt vervolgd.

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws

    Abonneer op de nieuwsbrief