Struc­tuur­visie 2040 en de ruim­te­lijke veror­dening


17 mei 2010

Voorzitter,

Er is veel werk verzet door ambtenaren en gedeputeerden. De Partij voor de Dieren is
in algemene zin positief over vorm en inhoud van de structuurvisie en de verordening. De hoofdbelangen onderschrijven wij van harte, al hebben wij hier en daar andere ideeën over de uitwerking.

Klimaat en duurzame energie
Natuurlijk juichen wij toe dat GS ruimte maken voor de ontwikkeling van duurzame energie en proberen duurzame ontwikkeling een extra impuls te geven. Dat had van ons nog wel iets steviger gemogen. Waarom zou er nog een ontheffing gegeven worden voor een woonwijk of een bedrijventerrein buiten bestaand bebouwd gebied als het niet klimaatneutraal gebeurt? In de structuurvisie lijkt die ambitie door GS tot op zekere hoogte te worden gedeeld. Maar in de verordening komt daar niets van terug. Ik citeer uit de visie: “Daarnaast gelden andere afwegingen van goede ruimtelijke ordening, zoals klimaatbestendigheid en bereikbaarheid. Die afwegingen maken deel uit van de (ambtelijk uitgevoerde) nut en noodzaaktoets en worden door GS meegenomen in het integrale besluit over de ontheffing.” So far, so good. Maar in de verordening is hier niets over terug te vinden. Mijn fractie vindt dat een grote omissie. Natuurlijk moeten GS een integrale afweging maken met afwegingen als klimaatbestendigheid en bereikbaarheid. En natuurlijk moet dat voor de burger duidelijk zijn en dus in de verordening staan waar de toetsingsgronden voor ontheffingverlening zijn opgenomen. Wij stellen voor om deze omissie te repareren door de ontheffingaanvraag rechtstreeks te toetsen aan de structuurvisie.

Ons amendement luidt:
Provinciale Staten besluiten:
- toe te voegen aan artikel 15 lid 1 van de structuurvisieverordening “6. de goede ruimtelijke ordening zoals beschreven in de structuurvisie”;
en gaan over tot de orde van de dag.

De Partij voor de Dieren wil dat in 2050 de Nederlandse energievoorziening klimaatneutraal is. Die energie moet komen van zon, wind en water, maar wel op een ecologische en diervriendelijke wijze. Die voorwaarden missen wij in deze structuurvisie. Het heien in de zeebodem voor windmolenparken heeft een desastreus effect op het zeeleven. Windmolens zullen dus op een andere manier moeten worden gefundeerd. De locatie is eveneens een aandachtspunt, want een windmolenpark in een trekroute van vogels of in een foerageergebied van vleermuizen is een slechtplan. Dit zal de nodige aandacht moeten krijgen bij de verdere uitwerking.

Natuur en landschap
Wij zijn redelijk tevreden met de bescherming die de visie en de verordening bieden voor landschap en natuur. De Ecologische Hoofdstructuur is in het beleid goed beschermd en moet vooral nog worden uitgebreid, maar dat is onderdeel van een andere discussie. Over de bescherming van het landschap hebben wij op twee punten onze bedenkingen.
De vergroting van de bouwvlakken naar 2 ha. of meer heeft niets met maatwerk te maken. Voor de landschappelijke waarden van onze mooie provincie is het cruciaal de vinger aan de pols te houden, maar dat kan niet als we iedere uitbreiding tot 2 ha. zonder meer toestaan. Als we landschappelijke kwaliteit een provinciaal belang vinden, dan moet de ARO al vanaf 1 ha. kunnen adviseren. Dat is niet om uitbreidingen van agrariërs tegen te gaan, maar om de landschappelijke kwaliteit te waarborgen. Dat vinden wij een provinciaal belang en dat moeten de provinciale regels dan ook borgen. Daarom dienen wij het volgende amendement in:

Provinciale Staten besluiten:
- voor agrarische bouwblokken groter dan 1 hectare slechts toestemming te geven middels een ontheffing van de ruimtelijke verordening;
en gaan over tot de orde van de dag.

De leidraad landschap en cultuurhistorie beschrijft in grote lijnen de kwaliteiten van het Noord-Hollandse landschap. De titel dekt de lading, want de natuurlijke kwaliteiten komen niet erg goed in beeld in deze nota. Ook de rol die dieren hebben gespeeld bij de totstandkoming van het Noord-Hollandse landschap wordt teveel in de zijlijn geplaatst. De prachtige groene weidse landschappen worden dankzij de Noord-Hollandse boer begraasd, maar niet begraasd door die boer zelf. De openheid van Noord-Holland is te danken aan haar koeien en schapen. Naast de vele voordelen voor milieu en natuur als koeien gewoon in de wei staan, is het van cultuurhistorische en landschappelijke waarde. De openheid van het grasland is slechts leegte zonder dieren.
Over openheid gesproken: Open grasland heeft ook een nadeel voor het vee, want het biedt geen natuurlijke beschutting tegen extreme weersomstandigheden door het ontbreken van bomen en hoge struiken. De oplossing is simpel, want de provincie staat toe dat de boeren schuilstallen plaatsen. Aangemerkt als ondergeschikte bouwwerken mogen die worden geplaatst zonder ontheffing. Dat is goed geregeld door de provincie, maar helaas blijken niet alle gemeenten daarvan op de hoogte. Daarom hier een oproep aan Gedeputeerde Staten: Bevestigt u alstublieft even dat de schuilstallen als ondergeschikte bouwwerken worden aangemerkt die zijn toegestaan. Als u dat hier nadrukkelijk uitspreekt is dat al voldoende en kunnen de goedwillende boeren ermee aan de slag.

De borging van de landschappelijke kwaliteiten van Noord-Holland middels de Adviescommissie Ruimtelijke Ontwikkelingen, de ARO, baart ons nog zorgen. Wij verwachten dat de ARO niet snel een ongewenste ontwikkeling zal tegenhouden. Gemeenten zullen in al hun bestemmingsplannen rekening moeten houden met de leidraad. Een voorstel daartoe zullen wij dan ook steunen.

Bij de herijking van de EHS blijkt maar weer hoe belangrijk het is om iets extra’s te doen voor de gebieden die cultuurhistorisch van belang zijn, zoals de graslanden in Santpoort. Zij horen niet in de EHS, dat ecologische structuur als basis heeft, maar mogen niet zomaar verloren gaan.

Het onderzoek naar landgoederen zien wij met belangstelling tegemoet. Als er strenge, groene voorwaarden aan worden gesteld, kan een landgoed ook in deze tijd iets moois opleveren. We beschermen nu toch ook landgoederen uit het verleden als monument. Er is geen reden waarom men nu niet in staat zou zijn om iets moois te maken.
Maar landschappelijk wonen is geen goede ruimtelijke ordening omdat het teveel ruimte inneemt en relatief weinig oplevert voor de ruimtelijke kwaliteit. Dat onderzoek hoeft voor ons niet te worden uitgevoerd.
De ecologische waarden van het KNSF-terrein moeten gerespecteerd worden, niet slechts waar mogelijk, maar zonder voorwaarden.

Landbouw
Wij onderschrijven het belang van voldoende en gedifferentieerde ruimte voor de landbouw, maar in deze structuurvisie is er sprake van bijkans onbeperkte ruimte voor de landbouw. Zelfs verregaande schaalvergroting, mondiale concurrentie en de door de bevolking nadrukkelijk niet gewenste intensieve veehouderij wordt gefaciliteerd.
De Partij voor de Dieren kiest voor duurzame, grondgebonden kwaliteitslandbouw met oog voor natuur, milieu en dierenwelzijn. Wij zijn tegen bulkproductie voor een bodemprijs. En dat is niet tegen de boeren, want die bulkproductie heeft ook de boer niets opgeleverd. Een aantal voorstellen in de structuurvisie strookt niet met onze visie. Het meest springt daarbij de intensieve veehouderij in het oog.

Milieudefensie en de Dierenbescherming initieerden het eerste burgerinitiatief uit de geschiedenis van de Noord-Hollandse Staten. Meer dan 25.000 mensen tekenden tegen de intensieve veehouderij. Een meerderheid van deze Staten steunden de motie Breunissen om vast te houden aan het tegengaan van intensieve veehouderij.
Het planMER staat vol ruimtelijke argumenten tegen intensieve veehouderij. Op basis van een rapport van BRO, in opdracht van deze Provinciale Staten gemaakt, en een van het instituut voor agrarisch recht hebben wij een amendement geschreven. De korte samenvatting daarvan is, dat nieuwvestiging van intensieve veehouderij geen redelijk provinciaal doelt dient en daarom niet behoeft te worden toegestaan. En wat ons betreft dan ook zeker niet moet worden toegestaan.

Ons amendement luidt nu:
Provinciale Staten besluiten:
- in de structuurvisie bijlage 1 van dit amendement op te nemen;
- in de ruimtelijke verordening bijlage 2 van dit amendement op te nemen;
en gaan over tot de orde van de dag.
Ik bespaar u het luisteren naar het voorlezen van de bijlagen van het amendement; u kunt ze straks op uw gemak lezen als het amendement wordt uitgereikt.

In de structuurvisie die nu voor ligt is alleen grondgebonden landbouw toegestaan in het zuiden van onze provincie. Maar wij zien graag ook in het noorden van onze provincie alleen grondgebonden landbouw. Grondgebonden landbouw heeft een binding met de grond, zoals landbouw behoort te hebben. De grond moet het benodigde voedsel kunnen opbrengen en de afvalstoffen van de landbouw kunnen verwerken. Dan hoeven er geen schaarse grondstoffen uit het buitenland te worden gehaald. Door veevoer uit bijvoorbeeld Brazilië te importeren creëren we daar een fosfaattekort en stimuleren we de vernietiging van regenwoud. Voor natuur, milieu en sociale rechtvaardigheid is het beter om alleen grondgebonden landbouw toe te staan.
Daarom dienen wij het volgende amendement in:

Provinciale Staten besluiten:
- toe te voegen aan artikel 25 van de ruimtelijke verordening als lid 25 lid 6“In aanvulling op het eerste lid voorziet het bestemmingsplan niet in bestemmingen of regels ten behoeve van niet-grondgebonden agrarische activiteiten” zoals ook in artikel 27 is geregeld;
en gaan over tot de orde van de dag.

De definitie van intensieve veehouderij uit de verordening verbaast ons:

“niet-grondgebonden agrarische bedrijven die in gebouwen varkens, pluimvee, konijnen, vleeskalveren, pelsdieren of overig kleinvee houden. Uitgezonderd biologische veehouderij, het kweken van vis, melkvee, rundvee, geiten, schapen of paarden.”

Dus elke vorm van geitenhouderij is volgens GS extensief?!.En volgens ons is het kweken van vis altijd intensief en het houden van geiten en koeien kan dat ook zijn, namelijk als het niet grondgebonden is.
GS maken onderscheid in diersoorten in plaats van op de wijze waarop de dieren gehouden worden. Dat is verkeerd.
Het criterium grondgebonden kan uitkomst bieden.

Grondgebonden is volgens GS:
“Agrarische bedrijfsvoering die hoofdzakelijk niet in gebouwen plaatsvindt, waarbij het gebruik van agrarische gronden noodzakelijk is voor het functioneren van het bedrijf. “

Hoe meet je dat? Er moet wel een toetsbaar criterium zijn. Wij stellen voor grondgebonden veehouderij zo te definiëren: Een bedrijf is grondgebonden als het niet meer dan 1,8 grootvee eenheden per hectare heeft en beperkte weidegang volgens de Regeling Ammoniak en Veehouderij toepast. (Dat is momenteel 10 uur per dag in de zomer- en lenteperiode.)
De criteria in onze definitie van grondgebondenheid zijn gebaseerd op een uitgebreide studie van het Centrum voor Landbouw en Milieu naar verschillende definities van grondgebondenheid. De gekozen criteria zijn de meest ruime die in die studie beschreven zijn.
Elke grens is arbitrair. Wij hechten dan ook niet aan deze precieze begrenzing, maar er moet wel duidelijkheid zijn.

Amendement:
Provinciale Staten besluiten:
- binnen de definitie ‘intensieve veehouderij’ dierhouderijen alleen uit te zonderen wanneer zij grondgebonden zijn;
en gaan over tot de orde van de dag.

Het kweken van vis is altijd intensief. De dieren worden onmogelijk dicht op elkaar gehouden, produceren veel afvalstoffen en hebben zelf grote hoeveelheden vis nodig om te groeien. Aquacultuur is dus gewoon intensieve veehouderij en moet zo ook worden beschouwd. Daarom dienen wij het volgende amendement in:

Provinciale Staten besluiten:
- geen uitzondering te maken voor aquacultuur in de definitie van intensieve veehouderij;
en gaan over tot de orde van de dag.

Dat de geitenhouderij zeer intensief kan zijn is de afgelopen maanden wel gebleken. Door de Q koorts werd de enorme toename van het aantal geiten in Nederland en Noord-Holland algemeen bekend. Onnatuurlijk grote aantallen dieren bij elkaar is vragen om problemen, en die hebben we gekregen. Laat de volksgezondheid in Noord-Holland leidend zijn.

Amendement
Provinciale Staten besluiten:
- geen uitzondering te maken voor het houden van geiten en schapen in de definitie intensieve veehouderij;
en gaan over tot de orde van de dag.

Het moge duidelijk zijn dat wij geen voorstander zijn van de agroparken zoals beschreven in de bijlage van de structuurvisie. Wij steunen wel de pogingen om de glastuin bouw te verduurzamen en in deze context wijzen op de gesloten kas: minder infectiedruk en dus minder bestrijdingsmiddelen, er wordt energie opgewekt en de productie neemt ook nog eens toe.

Dank u wel.

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer