Krediet­crisis


30 oktober 2008

EERSTE TERMIJN:

Voorziter,

De aanleiding voor deze vergadering is treurig – diep treurig. We moeten er van uitgaan dat we € 79.3 miljoen kwijt zijn geraakt met onze deposito’s bij Landsbanki – dat is € 30,- die elke Noord-Hollander aan ons heeft toevertrouwd. Wat heet toevertrouwd: het geld is via belastingen en dergelijke van de inwoners geïncasseerd. Voorzitter, ik zei 79.3 miljoen, het bedrag inclusief het miljoen aan misgelopen rente, waar het om te doen was.

De Noord-Hollanders hebben er recht op te weten of hun geld op de juiste wijze was geparkeerd. Vertrouwen is goed, maar controle is beter. Daarom moet er een onafhankelijk, dus extern, onderzoek komen. Elke zweem van een doofpot moet worden vermeden. Daarom kunnen Provinciale Staten niet zelf een onderzoek uitvoeren. De Staten zijn immers zelf al jaren de controleur van Gedeputeerde Staten. Ook de betrokkenen van de provincie, zowel de ambtenaren als de gedeputeerden hebben daar recht op dat externe, onafhankelijke onderzoek, want het is ook voor hen goed als aan het eind van de rit blijkt dat zij zich netjes aan de regels hebben gehouden.

Terug naar de honderden miljoenen die de provincie heeft uitstaan. Wij komen met een nieuw element. Het gaat om gemeenschapsgeld dus dat moet worden geparkeerd bij financiële instellingen die zich ook maatschappelijk netjes gedragen.
We bedoelen dat een bank niet kan volstaan met een verklaring dat zij doet aan MVO – maatschappelijk verantwoord ondernemen, want zo’n verklaring is nogal vrijblijvend. Voorbeeld –ik zal de naam van de betreffende bank niet noemen: Wij hebben eerder € 40 miljoen ondergebracht bij een bank die investeert in een bedrijf dat, naast andere producten, óók landmijnen maakt –dat concern heeft dan dankzij ons méér geld beschikbaar voor de ontwikkeling of productie van die landmijnen. DAT WILLEN WIJ TOCH NIET!? NIET MET ONS GELD!

Daarom, voorzitter, stelt de Partij voor de Dieren voor dat de provincie zelf criteria opstelt, waar banken aan moeten voldoen voor wij als provincie daar zaken mee willen doen.
Wij dienen daar nu geen motie voor in – het onderwerp is in onze ogen te belangrijk om door een of enkele partijen politiek te worden geclaimd.

Een voorzet van onderwerpen waaraan een toekomstig financiële dienstverlener zal moeten voldoen: geen (financiering van) bijvoorbeeld
kinderarbeid
milieuvervuilende activiteiten
bio-industrie
wapenindustrie

Kortom voorzitter, we willen graag met u naar de toekomst kijken. Een toekomst waarin debacles zoals deze, niet meer voorkomen. En als we dan toch ons geld voor de toekomst moeten uitzetten bij commerciële partijen, laten we er dan alles aan doen om van onze keuzes later geen spijt te krijgen.

Wij hebben de volgende vragen aan GS:
1 Legt u ons eens uit waarom de provincie enerzijds overtollig geld uitzet bij een bank, terwijl zij anderzijds leningen aangaat om toekomstige uitgaven te dekken. Is het niet logischer de leningen te verminderen met het nu beschikbare uitstaande geld?

2 Bent u bereid om een lijst van maatschappelijke criteria op te stellen waaraan banken moeten voldoen voor wij er zaken mee doen?

Voorzitter, ik rond af. Het gaat om heel veel geld, maar wat heb je aan geld als de poolkap smelt. Het Wereldnatuurfonds meldt dat Nederland consumeert alsof we twee aardbollen tot onze beschikking hebben. Mens, dier en natuur worden hiervan de dupe. Op China na, is Nederland de grootste importeur van soja - veevoer, nodig om de vleesconsumptie van 86 kilo per jaar voor elke Nederlander in stand te houden. Dit college wil daar tot nu toe niets aan doen. Sojaplantages nemen de plaats in van natuur, van regenwoud. Zo nemen we een hypotheek op de toekomst, die niet meer valt af te lossen.

TWEEDE TERMIJN

Voorzitter,

Even in de richting van de collega-Statenleden: Wij missen een vraag voor het beoogde onafhankelijke onderzoek, zoals beschreven in de moties. Namelijk de vraag, hebben wij als Provinciale Staten onze rol als controleur voldoende opgepakt? Of hebben wij zelf soms steken laten vallen? Een dergelijke vraag over ons eigen functioneren, mag niet ontbreken.

Inmiddels is ons duidelijk dat het onderzoek door een commissie van PS het mogelijk maakt om verklaringen onder ede te verkrijgen. Dat zou een zelfstandig opererend bureau dat een onder zoek in onze opdrachten verricht niet kunnen krijgen. Dit wetend gaat onze voorkeur naar uit eerst een breed onafhankelijk onderzoek door een extern bureau te laten plaatsvinden in opdracht van PS en daarna als daartoe aanleiding bestaat op grond van de bevindingen van dat externe bureau een onderzoek door PS zelf op te starten.

Dan in de richting van GS onze tweede vraag is nog niet beantwoord en dat was onze vraag over de maatschappelijke criteria.

En verder hebben wij nog enkele detailvragen. Een deposito bij een Deense bank is gebroken, ruim nadat de door de Deense overheid een garantie was afgegeven. Het breken kostte 135.000 euro, dus willen wij graag weten waarom ondanks de garantie het deposito is gebroken. In de voordracht staat dat een deposito in Denemarken op basis van berichten in pers niet is doorgerold. Waarom hebben berichten in de pers in dat geval wel en in de IJslandse gevallen niet geleid tot het niet doorrollen van de deposito’s. In de voordracht staat dat 27 oktober bericht verwacht wordt over de terugbetaling van het deposito bij Bankhaus Lehman. Is er al bericht?

Verder zei gedeputeerde Hooijmaaijers in zijn eerste termijn dat de uitvoering van vastgesteld beleid momenteel niet in gevaar is. Wanneer zou dat wel aan de orde kunnen zijn?

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer