Algemene Beschou­wingen: 95 klimaat­stel­lingen


14 november 2016

1. Het huidige beleid is onvoldoende om de klimaatdoelstellingen te halen en brengt onze planeet en onze provincie en al haar inwoners onherstelbare schade toe.

Doelen

2. Het Klimaatdoel van Parijs, de 1,5 graad doelstelling, moet leidend zijn voor elk beleidsveld.

3. Een emissiereductie van minimaal 95% en 100% hernieuwbare energie in 2050 is noodzakelijk.

4. Een emissiereductie van 55% in 2030 is noodzakelijk.

5. Vijfjaarlijkse klimaatplannen met daarin de doelen en acties voor de komende 5 jaar zijn nuttig.

6. Elke portefeuillehouder dient dit jaarlijks uit te werken in een klimaatbegroting.

7. Deze begroting dient evenals de financiële begroting te worden voorgelegd aan Provinciale Staten.

8. Duurzaamheid zoals beschreven door de commissie Brundtland is de noodzakelijke toetssteen van beleid.

9. Voor de belangrijkste sectoren moet de transitie naar 2050 in beeld worden gebracht die noodzakelijk is om binnen de 1,5 graden te blijven.

10. De acties op korte termijn kunnen/moeten worden genomen om de transitie te bewerkstelligen.

11. Alleen de beleidsopties die de beoogde ontwikkeling vooruithelpen worden ondersteund.

12. De provincie moet vooroplopen in Nederland voor wat betreft klimaatdoelstellingen en zich niet laten beperken door landelijk gestelde doelen.

13. Groene groei is een illusie.

Verkeer en vervoer

14. Zet druk op het Rijk op onderhandelingen voor ETS voor lucht- en scheepvaart.

15. De groei van de Luchthaven Schiphol leidt tot meer geluidsoverlast en meer CO2 uitstoot en dat is onwenselijk.

16. Zet in op een krimp van het aantal vliegbewegingen naar het niveau van 1990.

17. Stimuleer fietsgebruik met fietssnelwegen door de provincie.

18. Stimuleer dat gemeenten hun straten fietsvriendelijk herinrichten.

19. Stimuleer dat gemeenten publieke laadpalen plaatsen voor elektrische fietsen.

20. Stel bij aanbestedingen OV de eis van nul-emissie voor bussen.

21. Stimuleer gemeenten extra faciliteiten te realiseren voor deelauto’s en nul-emissieauto’s, als parkeervoorzieningen, toegang tot de binnenstad, oplaadinfrastructuur.

22. Vervang alle auto’s van de provincie naar nul-emissie auto’s.

23. Heroverweeg infrastructuurprojecten: stop met de Duinpolderweg: er is geen behoefte aan.

24. Heroverweeg infrastructuurprojecten: stop met planvorming A8-A9.

25. Investeer in de aansluiting van het OV op actieve mobiliteit.

26. Stimuleer het nieuwe werken en faciliteer op strategische punten in de provincie flexibele werkkantoren.

27. Stimuleer het nieuwe werken: door een goede digitale infrastructuur te stimuleren.

28. Stel provinciale milieuzones in.

29. Realiseer Walstroom voor de vieze schepen, van IJmuiden tot in Amsterdam.

30. Heroverweeg het belang van de mainports naar aanleiding van het rapport: ‘MAINPORTS VOORBIJ’ uit juli 2016 van de Raad Leefomgeving en Infrastructuur.

31. Werk een plan uit hoe de aanwezige mainports zich kunnen ontwikkelen in de nieuwe economie.

32. Faseer kolenoverslag en benzineoverslag de haven van Amsterdam uit rond 2030.

33. Koppel luchtkwaliteitsbeleid aan klimaatbeleid.

34. De WHO normen voor luchtkwaliteit worden omgevingswaarden.

Landbouw, landgebruik en voedsel

35. Zet in op transitie in productie van dierlijke eiwitten naar plantaardige eiwitten

36. Organiseer een bijeenkomst voor veehouders en wijs hen op de kansen van productie van plantaardige eiwitten.

37. Ondersteun veehouders bij het overstappen naar plantaardige eiwitproductie.

38. Faciliteert enkel duurzame biologische en plantaardige landbouw.

39. Neem in de visie op dat uitbreidingen intensieve veehouderij, = inclusief melkveehouderijen,niet meer zijn toegestaan.

40. Faciliteer niet meer de intensieve veehouderij.

41. Dieraantallen met een jaarlijks reductiegetal zijn nodig om het mestoverschot aan te pakken.

42. Graasdiereenheden borgen grondgebondenheid.

43. Stel eisen aan de bodemvruchtbaarheid.

44. Stimuleer biologische landbouw door BioValleys te realiseren in de provincie: gebieden met het certificaat ‘biologische grond’.

45. Stel biologisch areaal veilig door deze als ‘te beschermen gebied’ op te nemen in de PRV.

46. Stimuleer biologische landbouw door subsidiegelden alleen nog voor dit type landbouw ter beschikking te stellen.

47. Het principe functie volgt peil dient in heel de provincie leidend te zijn.

48. Verhoog het waterpeil in de veenweidegebieden waardoor minder broeikasgassen vrijkomen.

49. Stop het stimuleren en exporteren van systemen voor intensieve landbouw.

50. Breng de gevolgen van de huidige consumptie van dierlijke producten onder de aandacht.

51. Maak van het landbouwbeleid een ‘voedselbeleid’.

52. CO2-neutrale of CO2-negatieve productie moet het uitgangspunt van alle landbouw zijn.

Hernieuwbare energie

53. Ondersteun krachtig dat de ‘duurzame unit’ van ECN kan verhuizen naar Amsterdam Science Park en kan experimenteren in een doorbraak voor de productie van zonne-energie.

54. Versnel zonneakkers naar minstens 50 vierkante km in 10 jaar.

55. Versnel opwekking van zonne-energie op daken.

56. Geef ruimte aan Windenergie: sta meer dan de 685,5 MW toe.

57. Onderzoek het effect van gaslekkages in het Noord-Hollandse gasnetwerk en de impact daarvan op de CO2 doelstellingen en de gevolgen voor ‘groen’ gas.

Financieel- en subsidiebeleid

58. Richt het subsidiebeleid zo in dat alleen duurzame ontwikkelingen worden gestimuleerd onder het motto: ‘we doen het duurzaam, of we doen het niet’.

59. Erken dat het subsidiebeleid moet zijn gericht op het overbruggen van de kloof tussen innovatie en implementatie.

60. Ondersteun de ontwikkeling van plantaardige vlees-, zuivel- en visvervangers.

61. Bij beleidsvoornemens wordt de verwachte C02 uitstoot ingeschat op basis van ‘best practices’.

Warmtevoorziening in de gebouwde omgeving

62. Stel geld beschikbaar voor ondersteuning van een flink aantal representatieve pilots voor verduurzaming van een hele wijk in één stap naar de gewenste eindsituatie.

63. Maak ruimte voor Tiny houses.

64. Doe met een gemeente een pilot voor een tiny house wijk.

65. Ondersteun dat bestaande woningen vergaand minder energie verbruiken: isolatie, en andere energiebesparende maatregelen.

66. Stel eisen aan nieuwe gebouwen en bij renovaties: onderzoek of off grid mogelijkheden te dienen worden ingebouwd.

67. Stel eisen aan nieuwe gebouwen en bij renovaties: van energie-neutraal naar energie-positief en formuleer een ambitie met betrekking tot energie positieve bouw.

68. Stel eisen aan nieuwe gebouwen en renovaties: bouw natuur inclusief.

69. Realiseer klimaatneutrale wijken.

‘Klimaatgroen’ in de provincie

70. Stimuleer groenvoorzieningen binnen in de steden en dorpen.

71. Maak de Ecologische Hoofdstructuur versneld af.

72. Ontwikkel een groots aansprekend natuurgebied dat veel koolstof kan vastleggen.

73. Voer actief beleid om te voorkomen dat de veenweidegebieden nog meer broeikasgassen verliezen door drooglegging.

Voorlichting

74. Werk een plan uit voor de voorlichting aan de bevolking hoe om te gaan met de klimaatveranderingen.

75. Maak inzichtelijk op kaarten waar de klimaatverandering de grootste gevolgen zullen hebben (verbreding dijklichamen, zandsuppletie bij duinen, verbreden kanalen, aanleg extra riolering).

76. Start een campagne gericht op de promotie van een plantaardig voedingspatroon.

77. Organiseer een voorlichtingscampagne over de negatieve effecten van vleesconsumptie en/of de consumptie van dierlijke producten. De belangrijkste wapens tegen klimaatverandering zijn mes en vork.

78. Nodig ‘klimaatslachtoffers’ uit om te laten zien wat de gevolgen van de klimaatverandering nu al zijn.

79. Ontwikkel goede indicatoren voor de klimaatvriendelijkheid van economische beleid.

80. Maak publiekelijk zichtbaar hoeveel jaar er rest tot het halen van de Parijse doelstellingen en de tussendoelstellingen en de CO2 uitstoot.

Voorbeeldfuncties

81. Ontwikkel beleid tegen uitputting van de aarde.

82. Ondersteun initiatieven die duidelijk maken hoe de klimaatcrisis zich ontwikkelt of die de gevolgen ervan duidelijk maken.

83. Sluit –naar analogie van de Parijse Overeenkomst- regionale

84. TTIP/CETA/TiSA ondermijnen de democratie en de strijd tegen klimaatverandering.

Energiebesparing bij de industrie

85. Stel extra expertise vanuit de provincie beschikbaar om processen door te lichten op energiebesparingsmogelijkheden en maak het provinciaal energiebesparingspotentieel inzichtelijk.

86. Creëer zicht op de CO2 belasting van de hele keten van industrie.

87. Stel tenderregeling op voor vernieuwende projecten met CO2-vermindering.

88. Stel de tenderregeling open voor procesvernieuwing voor duurzaamheid.

89. Bevorder circulair grondstofgebruik, hergebruik materialen, toepassen nieuwe processen,efficiënter materiaalgebruik, en minder milieubelastend materiaal.

90. Verscherp de handhaving van de Wet milieubeheer, zodat bedrijven meer onderzoek doen naar CO2 besparing.

Provinciale organisatie

91. Stimuleer de circulaire economie door circulair in te kopen, samen met gemeenten.

92. Serveer plantaardig aanbod in bedrijfsrestaurant.

93. Wordt een organisatie die netto koolstof vastlegt in plaats van CO2 uitstoot.

94. Stel meetbare tussenstappen per jaar door middel van een CO2 rapportage.

95. De provincie voert ‘best practices’ van andere bestuurlijke lagen meteen in.

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer