Partij voor de Dieren bezorgd over risico uitbraak besmet­te­lijke dier­ziekten


13 juli 2009

Kadavers onafgedekt langs de openbare weg

Haarlem, 13 juli 2009. Nederland is de afgelopen jaren geconfronteerd met verschillende uitbraken van dierziektes: de klassieke varkenspest en de gekke koeienziekte (1997), mond- en klauwzeer (2001) en daarna de vogelgriep, blauwtong, runder-TBC en Q-koorts. Een aantal hiervan zijn van dier op mens overdraagbare infectieziekten. Een uitbraak van een besmettelijke dierziekte kan grote sociale en economische gevolgen hebben. Toch worden veel dode landbouwhuisdieren niet volgens de regels ‘aangeboden’. De Partij voor de Dieren heeft daarover Statenvragen gesteld aan de provincie Noord-Holland, die verantwoordelijk is voor rampenbestrijding en openbare veiligheid.

Noord-Holland heeft een relatief lage veedichtheid. Niettemin vindt de Partij voor de Dieren dat alles moet worden gedaan om de kans op een besmettelijke dierziekte zo klein mogelijk te maken. Besmettingsgevaar neemt bij hogere (zomer)temperaturen toe.

Kadavers van landbouwhuisdieren worden langs de openbare weg ‘aangeboden’ om door een vernietigingsbedrijf te worden opgehaald. In veel gevallen zijn de kadavers niet of slecht afgedekt, zo constateerde Peter van Poelgeest (Statenlid Partij voor de Dieren) bij een controlerit door de provincie. Het is ook de vraag of de doodsoorzaak en daarmee het mogelijke besmettingsgevaar wel zijn vastgesteld.

Voor het aanbieden kadavers voor destructie gelden voorschriften van het ministerie van LNV. Sommige kadavers moeten worden aangeboden in stevige, afgedekte tonnen en andere moeten geheel door kadaverkappen zijn bedekt. Vogels, honden en katten mogen er niet bij kunnen en er mag geen vocht weglekken.
De praktijk laat een ander beeld zien: veel kadavers liggen onafgedekt langs de weg, vaak gewoon in de berm bij de betreffende boerderij. Dat is niet alleen verboden en een vervelend gezicht, maar ook gevaarlijk. Andere dieren kunnen bij het dode dier en als het kadaver lekt kunnen stoffen in de grond en het grondwater terecht komen.

De Partij voor de Dieren wil dat Gedeputeerde Staten de instanties die de voorschriften moeten uitvoeren en handhaven aanspreken op deze situaties, die een potentieel gevaar voor de volksgezondheid vormen.