Amsterdam Jachtvrij


5 januari 2008

AMSTERDAM – Wethouder Maarten van Poelgeest ziet geen reden de honderden damherten die zich in de Amsterdamse Waterleidingduinen bevinden, af te schieten. De verkeersveiligheid en de waterkwaliteit in het gebied zijn niet zodanig in gevaar dat dit nodig is, aldus een woordvoerster van de gemeente Amsterdam. Waternet, het Amsterdamse drinkwaterbedrijf dat het gebied beheert, sprak eerder dit jaar nog de zorg uit over de kwaliteit van het drinkwater door de aanwezigheid van de damherten. Het vreesde vooral voor de gevolgen als dieren in het gebied komen te sterven. Maar volgens de gemeente komt de kwaliteit niet in het geding. Ook bleek de verkeersveiligheid in het gebied niet langer gegarandeerd te kunnen worden doordat het leefgebied te klein zou zijn en de herten steeds vaker op de openbare weg belanden, waardoor er zogenaamde gevaarlijke situaties ontstonden. Door het, in opdracht van de gemeente Amsterdam, verrezen hekwerk langs de Zandvoortselaan, zien de herten geen kans meer om bij de weg te komen.

In februari 2007 riep wethouder van Poelgeest alle bij de Amsterdamse Waterleidingduinen betrokken partijen nog op tot het zoeken naar een creatieve oplossing voor een probleem, die naar nu blijkt, helemaal niet bestond. Het bewuste hekwerk was immers al reeds in 2004 aangekondigd en ook de damherten populatie blijkt niet zo groot te zijn als de voorstanders van afschot ons altijd hebben doen willen laten geloven. De gemeente besloot na overleg met betrokkenen en deskundigen zoals de provincies Noord- en Zuid-Holland, gemeente Zandvoort, VROM-inspectie, PWN, Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten, Nationaal Park Zuid-Kennemerland, Dierenbescherming, Faunabeschermingen en de Universiteit Wageningen/Alterra onderzoek te doen naar de problematiek en de mogelijkheden het aantal dieren terug te dringen. ‘Ik ben blij dat we het hebben onderzocht en dat nu blijkt dat de beesten kunnen blijven leven’, zei de GroenLinks-wethouder die, zoals hij zelf zegt, al geen voorstander was van het afschieten.

Zoals de Partij voor de Dieren al veel langer beweert tonen de conclusies uit het rapport ‘Beheer van damherten in de Amsterdamse waterleidingduinen’ onmiskenbaar aan dat er in het 3400 hectare grote gebied totaal geen sprake is van een overpopulatie. Met het beheer zonder afschot groeit de populatie door tot een natuurlijk plafond, waarbij jaarlijks, op geheel natuurlijke wijze, een flink aantal dieren door ouderdom of ziekte zullen sterven.

Het heeft er dan ook alle schijn van dat de op 4 maart 2007 georganiseerde protestexcursie, tegen het afschieten van kerngezonde herten, door de Amsterdamse waterleidingduinen zijn vruchten heeft afgeworpen en de verantwoordelijk wethouder op het goede pad heeft gezet. Dat neemt echter niet weg dat wij onze erkentelijkheid en dat van de damherten in zijn richting willen uitspreken.



Helaas moeten we echter melden dat, terwijl het lijkt dat de veiligheid van de damherten in de Amsterdamse Waterleidingduinen is gewaarborgd, hun soortgenoten in het Nationaal Park Zuid Kennemerland (NPZK), welke wordt beheerd door Natuurmonumenten, verre van veilig is. Waarom deze organisatie een regiem voert welke lijdt tot een jaarlijks afschot van een kleine 50 herten en totaal in tegenstelling is van het al decennia gevoerde beleid van de buurman en het om exact dezelfde soort herten handelt is vooralsnog onduidelijk en roept dan ook alleen maar vragen op.

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws

    Abonneer op de nieuwsbrief